De bekendste familie in het Marveluniversum, The Fantastic Four, vervoegt nu eindelijk de filmwereld van Marvel Studios. Kan The Fantastic Four: First Steps na drie eerdere films over het viertal nog iets nieuws en beters aan de dag brengen? Wel, ja! Voor dit familiefeest krijgen we wel graag een uitnodiging.
Grootste uitdaging
Drie filmische Spider-Men op dertig jaar tijd, drie Batmen en ook drie First Families (zoals het viertal ook genoemd wordt). The Fantastic Four zijn het bekendste superheldenteam uit de Marvel-comics, maar een bepalende filmadaptatie was er nog niet. In 1994 werd een film gemaakt, maar nooit uitgebracht. Mijn generatie (woo, millennials!) groeide op met de Fox-films uit 2005 en 2007, die campy waren maar de familieband en de slechterik goed brachten. Ten slotte was er de verguisde versie van Josh Trank uit 2015. Die verzamelde een schitterende cast maar werd door de studio letterlijk verknipt. En er zijn ook nog The Incredibles, uit de Pixarfilm uit 2004, die heel wat overeenkomsten hebben met dit viertal. Dat levert wel al enkele generaties filmliefhebbers op die weten wie ze zijn.
De toon van The Fantastic Four is ondanks het geflipte plot over het algemeen heel oprecht.
Daarom kiest Marvel ervoor om deze bekende striphelden geen letterlijk ontstaansverhaal meer te geven. (Zoals ze ook met Spider-Man deden en DC net ook nog met Superman.) We krijgen een korte samenvatting met flashbacks: een kosmische storm tijdens een ruimtereis zorgde ervoor dat vier astronauten bovennatuurlijke krachten kregen. Reed Richards (Pedro Pascal, Eddington, The Last of Us, Gladiator II) kan zijn lichaam uitrekken, zijn vrouw Sue Storm (Vanessa Kirby, The Crown, Pieces of a Woman) wordt onzichtbaar, haar broer Johnny (Joseph Quinn, Stranger Things, A Quiet Place: Day One, Gladiator II) gaat af en toe in vlammen op en Ben Grimm (Ebon Moss-Bachrach, The Bear, Andor) veranderde letterlijk in steen.
Nu zijn ze al vier jaar wereldberoemd en de beschermers van de aarde. Dat is, voor alle duidelijkheid, niet dezelfde realiteit waarin het MCU plaatsvindt en we de Thunderbolts* net zagen. We bevinden ons in een ander universum in de jaren 60, waar de wetenschap mede dankzij Richards al veel verder staat. Hoverauto’s, zelflandende raketten, ruimtereizen met wormgaten – het zijn hier alledaagse zaken. (Ergens hoor je Elon Musk schreeuwen.)

Maar Richards intellect kan hem maar weinig voorbereiden op een van de grootste uitdagingen die de mensheid kent: een kind krijgen. De First Family krijgt weldra een vijfde lid. Richards is toch vooral bezorgd over welk kind twee ouders met krachten zullen voortbrengen. Reken dan maar op het universum om je grotere zorgen te bieden, zoals het nakende einde van de wereld.
Verantwoording
Nadat de helden een paar mysterieuze signalen en ruimteboodschappen oppikken, komt de Silver Surfer (Julia Garner, Ozark, The Assistant) aan op aarde. Die kondigt aan dat de planeet binnenkort zal vernietigd worden door Galactus (Ralph Ineson, Nosferatu, The VVitch), die zijn honger enkel kan stillen met planeten. Gulzig. Om hem te verslaan, besluiten de Fantastic Four om hem te gaan vernietigen in de ruimte. Maar dat vormt mogelijk een bedreiging voor hun hoogste goed: baby Franklin.
Je geeft iets om het verhaal in deze film omdat de personages ons iets doen.
Wat dat precies betekent, gaan wij zeker niet weggeven, maar de toon van The Fantastic Four is ondanks dat geflipte plot over het algemeen heel oprecht. En dat is een verademing na te veel Marvelfilms die te grappig probeerden te zijn. Een pluim op de hoed van scenaristen Eric Pearson (Black Widow, Thunderbolts), Josh Friedman (Foundation) en nieuwkomers Jeff Kaplan en Ian Springer. De inzet voelt groter, zowel op persoonlijk als op wereldvlak. Ook de gevolgen voor de man met de pet komen hier meer naar voren. Deze helden leggen ook meer verantwoording af dan we gewend zijn. Omdat ze zo dicht bij de bevolking staan, stelt die hun acties soms in vraag. De zoektocht naar oplossingen voelt dwingender, want ze kunnen het niet alleen.
Die nauwe band tussen de helden en het plebs wekt tegelijk een gevoel van samenhorigheid op die me bij momenten deed denken aan films zoals The Martian en, opnieuw, Superman. De monoloog waarin Sue de bevolking in een bang moment letterlijk herinnert aan dat groter geheel, is ietsje te zeemzoet, maar door Vanessa Kirby voelt het passend. Dat kunnen we trouwens ook zeggen van de volledige kerncast. Je geeft iets om het verhaal in deze film omdat de personages ons iets doen, en dat lijkt Marvel Studios zich steeds meer te herinneren, getuige ook Thunderbolts*.

Eigen karakter
De familiedynamieken geloof je meteen vanaf hun eerste groepsscène. Marvel Studios koos de juiste acteurs om de gekende personages ook een eigen karakter te geven. Sue blijft de meest herkenbare en standvastige van het viertal, en is hier ook zeker het hart van de film. Kirby speelt haar eerder ingetogen, maar ook heel vastberaden en kwetsbaar. Ze houdt van haar man, maar heeft het soms moeilijk met hoe hij is. Dat zegt ze ook letterlijk tegen hem in de film. Het is een moment dat bijblijft, ook dankzij de andere schakel in die scène. De Reed Richards van Pedro Pascal is minder onbeholpen dan de eerdere versies die we al zagen, maar ook gekwelder. Hij voelt zich verantwoordelijk voor de mensheid en worstelt daarmee. Dat licht tragische is niet altijd makkelijk om verteerbaar te houden, maar de warmte die Pascal uitstraalt, voorkomt dat hij te afstandelijk overkomt.
De retrofuturistische setting is een schot in de roos.
Ook de andere mannen in het viertal proberen hem gegrond te houden. Johnny spot ook hier graag met zijn schoonbroer, maar kijkt ook naar hem op. Hij heeft een zekere bewijsdrang en is niet zomaar de nonchalante celebrity. Quinn geeft hem een jeugdigheid die daarbij past. Ben is dan weer de rots in de branding (hehe), de leuke nonkel die de lijm is van het team. Moss-Bachrach trekt wel aan het kortste eind wat de personage-ontwikkeling betreft. Een subplot waarin hij connectie zoekt met een leerkracht maakt te weinig indruk omdat je niet ziet van hoever hij daarin komt (in tegenstelling tot de jaren 2000-films).
Ook de slechteriken van dienst krijgen niet heel veel schermtijd, maar ze vervullen hun rol. Vooral Ralph Inesons Galactus is gevaarlijk en levert enkele spectaculaire scènes op. Het is een Marvelfilm, dus kan actie niet ontbreken. Maar ook dat pakt The Fantastic Four: First Steps iets persoonlijker aan. Dit team vecht niet ‘om te vechten’, maar werkt vooral samen om de mensen en elkaar te redden. De beste actie zien we wel vooral in het deel in de ruimte, met onberispelijke visuele effecten en een toon die aan Interstellar en Apollo 13 doen denken. (Toch de moeite om een IMAX-zaal voor te zoeken.)
Dat alles wordt verder ondersteund door een versie van onze wereld die tastbaar voelt door de uitstekende wereldopbouw. De retrofuturistische setting is een schot in de roos, met speciale vermelding voor het setontwerp van relatieve nieuwkomer Kasra Farahani (Loki), de kostuums van Marvel-getrouwe Alexandra Byrne en de oldschool orkestrale muziek van Michael Giacchino. Dat muzikale thema is een gegarandeerde oorwurm. Ook regisseur Matt Shakman en cinematograaf Jess Hall (beiden WandaVision) houden het klassiek, maar warm en dynamisch. Het geeft The Fantastic Four een unieke uitstraling en sfeer. Maar wat me vooral bijblijft na First Steps: ik wil deze personages graag zo snel mogelijk terugzien.
The Fantastic Four: First Steps is vanaf 23 juli te zien in de bioscoop.
Die band gaat nooit stuk
The Fantastic Four: First Steps reviewRaak
- De cast is meteen memorabel
- Verhaal ondersteunt de personages
- Erg geslaagde setting
Braak
- Slechteriken zijn minder memorabel