In ieder leven heb je minstens één jaar dat alles meezit. Een jubeljaar waarin alles op zijn plek valt en het geluk je toelacht. Voor de Amerikaanse comic was 1986 zo’n jaar. (Voor het Belgisch voetbal trouwens ook.)
In dat jaar waren er meerdere grote gebeurtenissen waarvan we veertig jaar na dato nog altijd de naschokken voelen. Wij nemen jullie bij de hand en loodsen jullie langs de hoogtepunten, waarbij we een poging doen om uit te leggen waarom deze nog steeds de moeite waard zijn.
Watchmen
In 1983 had DC Comics de superheldenpersonages van Charlton Comics opgekocht. Ze kregen zo de beschikking over onder andere Captain Atom, Blue Beetle, The Question en Peacemaker.
Deze werden meteen door Alan Moore gebruikt voor een pitch. De bebaarde schrijver had op dat moment net furore gemaakt met zijn interpretatie van het personage Swamp Thing en wilde van het momentum gebruikmaken om meer werk te krijgen. Hij wilde een miniserie bouwen rond deze personages, maar bij DC Comics had men al snel door dat dit niet zou werken omdat de personages naderhand onbruikbaar zouden zijn. Daarom moedigde men hem aan om eigen personages te creëren.
Samen met de Engelse tekenaar Dave Gibbons begon Alan Moore aan Watchmen. Het is zowel een moordmysterie als een deconstructie van het superheldengenre. De groep superhelden lijkt op het eerste gezicht op teams die we vaker hebben gezien, zoals The Avengers of de JLA.

Een van hen wordt vermoord, en terwijl naar de dader wordt gezocht, zien we hoe deze mensen in het leven staan en wat hun persoonlijke angsten en drijfveren zijn. Het verhaal speelt zich af tegen de achtergrond van een geschiedenis die sterk op de onze lijkt. Niet alleen zoals de wereld eruitzag in 1986, maar helaas ook zoals die er anno 2026 nog uitziet.
Met Watchmen werd het superheldengenre maximaal opgerekt en slopen er serieuze literaire kanten naar binnen. Tegelijkertijd ontdekte Alan Moore hier ook de grenzen van het genre, en het zou voor hem het startschot betekenen om zijn creatieve vleugels verder uit te slaan. Niet elk verhaal is geschikt om verteld te worden in een omgeving waarin mensen kleurrijke circuskostuums dragen.
Die literaire kwaliteiten zorgen ervoor dat dit immense verhaal nog altijd gelezen kan worden. De behandelde thema’s zijn tijdloos.
Er was sprake van een prequel die later zou verschijnen, maar die is helaas nooit verder gekomen dan enkele notities. Moore kreeg ruzie met DC Comics, waardoor dat hoofdstuk voorgoed gesloten bleef.
Superman
In 1985 had DC Comics haar volledige universum herstart. Ze waren inmiddels al ruim vijftig jaar aan het publiceren en de continuïteit was loodzwaar geworden. Bovendien had de uitgeverij een fors deel van haar lezers verloren aan concurrent Marvel, wiens universum jonger en eigentijdser was.
In 1986 wilde men Superman een nieuwe start geven. Het verhaal van de Man van Staal zou opnieuw verteld worden voor een nieuw publiek. En DC Comics had een serieuze coup gepleegd.
De grootste Amerikaanse stripmaker van dat moment was John Byrne, die furore had gemaakt bij Marvel met Uncanny X-Men en Fantastic Four. Byrne had mot met Jim Shooter en stond open voor een overstap naar DC Comics.
Superman werd dus herstart en kreeg serieuze media-aandacht. Byrne werd miljonair en leverde uiteindelijk heel aardige comics af die ook nu nog redelijk leesbaar zijn: de ideale mix tussen de relatieve onschuld van de jaren dertig en de hardere wereld van de jaren tachtig.
The Dark Knight Returns
Frank Miller was de jonge vedette van de jaren tachtig. Met zijn herinterpretatie van Daredevil gooide hij hoge ogen en maakte hij van Marvels meest suffe superheld een zeer spannende reeks die zich afspeelde in de zelfkant van New York.
DC had ook hem met een fors contract verleid en de belofte dat hij zijn eerste eigen titel, Ronin, kon publiceren bij de uitgever. Het klapstuk werd echter Batman.
Miller werd 29 in 1986 en bij hem groeide het besef dat hij even oud zou zijn als Batman. Met het verschil dat hij een jaar later dertig zou worden en Batman in zekere zin zou ontgroeien. Dat zette hem aan het denken over hoe het zou zijn als de Caped Crusader aan dezelfde wetten van tijd en ruimte gebonden was als de gewone stervelingen die zijn avonturen lezen.

In dit verhaal loopt de wereld van Batman synchroon met de onze. De mensen die in de jaren veertig twintig waren, zijn nu zestig. Ze hebben allemaal een andere positie in een wereld die de jaren tachtig op hun lelijkst vertegenwoordigt. Miller liet zich niet alleen inspireren door Batmans leeftijd, maar ook door het New York waar hij woonde en werkte, een stad die geplaagd werd door hoge criminaliteit. De tekenaar werd in die jaren meerdere malen overvallen en moest die emoties kwijt in dit werk.
Er hangt een sfeer van doem over Gotham. De stad gaat gebukt onder criminaliteit en wordt bestuurd door een corrupte burgemeester. Bruce Wayne ziet het met lede ogen aan en besluit zijn kostuum uit de mottenballen te halen.
Het verhaal draait in feite om leven en nalatenschap: wie was je en wat is je erfenis hier op aarde? Het besef dat de man onder het kostuum sterfelijk is, maar dat het symbool – de vleermuis – zal blijven voortbestaan.
1986 was sowieso zijn jaar, want voor Marvel maakte hij samen met David Mazzucchelli Daredevil: Born Again, waarop de huidige televisieserie losjes is gebaseerd.
Maus
Art Spiegelman was al sinds de late jaren zestig actief als undergroundtekenaar. Begin jaren zeventig werd hem gevraagd om een bijdrage voor een blad, wat uiteindelijk het eerste hoofdstuk werd van het project dat later bekend zou staan als Maus.
Maus is het verhaal van Spiegelmans ouders en hoe zij de Holocaust beleefden en welke invloed dit op hen had. Voor de tekenaar was het ook een manier om meer over hun jeugd te weten te komen, doordat hij zijn vader voor het boek interviewde. Zijn moeder was al vroeg overleden. In het verhaal gebruikte Spiegelman dieren als metafoor: joden waren muizen, Duitsers katten, enzovoort.

Spiegelman werkte in zijn eigen tempo aan het project, totdat hij ontdekte dat Steven Spielberg bezig was met een film die deels dezelfde thema’s leek te behandelen. Daarom gaf hij gas en rondde het boek af zodat het in 1986 kon verschijnen. Hij verwachtte eigenlijk dat het een typische undergroundstrip zou worden met een klein publiek, maar het lot besliste anders.
De comic werd eerst besproken door enkele kleine joodse kranten, waarna het nieuws zich als een lopend vuurtje verspreidde. Maus raakte een gevoelige snaar en toen ook de grote media lucht kregen van dat boekje dat gretig werd gekocht door joodse Amerikanen, was het hek van de dam.
Met Maus wist Spiegelman de tragiek van de Holocaust en de nasleep ervan toegankelijk te maken voor een breed jong publiek. Het was het eerste serieuze werk in stripvorm dat dit probeerde en er ook in slaagde.
Voor de maker zelf was het een zegen en een vloek. Het zorgde ervoor dat zijn kostje gekocht was, maar het werd ook een schepping die zijn schepper ontgroeide en hem in de greep hield.
Star Wars
In 1983 was de derde en laatste Star Wars-film verschenen. Marvel Comics had destijds de licentie om strips in dit universum te maken. Dat had hen geen windeieren gelegd, want in de jaren zeventig zorgde het ervoor dat de uitgeverij financieel kon blijven bestaan. In 1986 waren de strips echter zo ver afgedwaald van de kern van de films dat het contract in overleg met Lucasfilm werd ontbonden.
Waarom verdient dit een vermelding? Omdat Marvel in het persbericht weliswaar werd bedankt, maar Lucasfilm ook duidelijk maakte niet te verwachten dat ze nog veel met deze titel zouden doen en dat het zo misschien wel goed was. Anno 2026 is dat een even aandoenlijke als hilarische uitspraak.
De erfenis van 1986
1986 drukt nog altijd een stempel op de Amerikaanse comic en op het superheldengenre in het bijzonder.
De mijlpaal die toen werd neergezet, is eigenlijk nooit meer overtroffen, vooral omdat de genoemde titels binnen het genre moeilijk nog op een geloofwaardige manier te toppen zijn. Veel comics werden in de jaren daarna bijvoorbeeld veel duisterder, omdat men dacht dat dát de reden was van het succes. Dat bleek een verkeerde conclusie.
Tegelijkertijd werd wel bewezen dat volwassen thema’s in het beeldverhaal behandeld kunnen worden zonder dat dit ten koste gaat van het vermaak. In dat opzicht zijn strips in Amerika nog altijd schatplichtig aan dat magische jaar.