Onimusha: Way of the Sword is de nieuwste telg in de intussen al 25-jarige serie Onimusha. Je neemt het in deze third-person actiongame in historisch Japan op tegen allerhande gespuis van demonische aard. Moet je al eens een eerdere Onimusha gespeeld hebben om het verhaal hier te begrijpen of mee te zijn met de gameplay? Nee, want het verhaal staat helemaal op zichzelf en ook de gameplay is veel moderner dan vroeger. Hoewel wij nog nooit een Onimusha gespeeld hadden, besloten we na een positieve indruk van de demo een paar maanden terug deze nieuwe telg uit te testen. Toen groepeerden we het samen met games die ons leuke soulslikes in wording leken, maar is Onimusha: Way of the Sword eigenlijk wel helemaal een soulslike? Met een katana en een haori testten wij het uit.
- Ontwikkelaar: Capcom
- Uitgever: Capcom
- Release: 4 september 2026
- Platformen: pc, PS5, Switch 2, Xbox Series X|S
- Aantal spelers: 1
Reviewcopy op pc verkregen via uitgever.
Blijf nu toch eens dood!
Humor, horror en actie lopen door elkaar.
Je speelt in Onimusha: Way of the Sword als een fijne versie van de legendarische Miyamoto Musashi. Als rondtrekkende samoerai heeft hij slechts één doel: volgens zijn interpretatie van de Weg van het Zwaard zoveel mogelijk duels winnen en zijn kracht keer op keer bewijzen in het gevecht. Na een hilarische proloog wordt hij echter opeens door demonen omsingeld en naar de wereld van de doden gestuurd. Daar ontvangt hij tegen wil en dank een gauntlet (pantserhandschoen) met de kracht van de mystieke Oni, waarna hij terug in de wereld van de levenden terechtkomt. Nieuw doel: de ontsnapte “genma”-demonen terug naar de dodenwereld sturen en bepaalde plekken in de wereld zuiveren om ervoor te zorgen dat het absolute kwaad niet kan ontsnappen en de wereld van de levenden kan vernielen. Oh, en zijn gauntlet kan praten (maar gelukkig is dit veel interessanter dan in Forspoken)! Kan Musashi de wereld redden en leert hij inzien dat ware kracht niet gewoon kracht om te winnen is?

Wat meteen opvalt, zijn de verschillende narratieve genres die kriskras door elkaar lopen. Je gaat snel over van humor naar plotselinge horror, bijvoorbeeld van humoristisch weglopen van een hele school samoerai naar opeens heel pijnlijk uitziende doorboringen of zien hoe vreselijk bepaalde mensen in het verleden om het leven zijn gekomen. Dat de eerste Onimusha deels geïnspireerd was door Resident Evil en dat die invloed nog steeds doorwerkt, zal je dan ook gemerkt hebben. Het zorgt er ook voor dat je bepaalde antagonisten heel graag zal tegenwerken. Ze zijn best over-the-top, maar je zal ze met plezier haten als je hen hoort of als je ziet welke afschuwelijke dingen ze doen. Heel soms is Onimusha: Way of the Sword trouwens verrassend emotioneel, met heel goede Japanse voice acting en mooie momenten.

Onimusha: Way of the Sword neemt zichzelf gelukkig niet altijd even serieus
Een aantal historische personen passeren de revue.
De humor komt vooral van Musashi zelf en zijn reacties (met waarlijk schitterende gezichtsanimaties) op alles wat hem overkomt, of hij nu angstig moet weglopen of heel duidelijk zucht wanneer hij alweer door een bepaald personage wordt aangesproken. Het spel neemt zichzelf op die momenten, of als sommige antagonisten aan het woord zijn, gelukkig niet altijd even serieus. Een derde genre is wel ook pure actie en power fantasy, want hoewel Musashi niet meteen alles en iedereen kan verslaan, speel je toch als quasi de enige die (met veel flair dan nog wel) alle demonen kan tegenhouden. Een vreselijk monster verliest diens intimidatievermogen een beetje wanneer je het kan blijven vernederen met perfecte afweringen. Ook dat bepaalde personages maar niet dood willen blijven, moet je erbij nemen als de campy fun die het is.

Net zoals in vorige Onimusha’s en bijvoorbeeld ook Nioh neem je het op tegen demonen in historisch Japan en passeren dus een aantal historische personages de revue. Ze komen uit verschillende periodes (dat is nu eenmaal het voordeel van geesten en ondoden) en vormen een leuke cast. Nobunaga is al eerder in Onimusha langsgekomen, dus deze keer neem je het ook op tegen een andere legendarische Japanner die je ook al in Nioh – hoewel daar veel sympathieker – gezien hebt. Wanneer je ziet wie dit is, weet je ook waarschijnlijk meteen wie een van de andere bazen zal zijn, en zal je heel blij zijn om heel dat gevecht én de afloop ervan mee te maken.

Onimusha: Way of the Sword krijgt technisch een goed rapport
De presentatie van Onimusha: Way of the Sword is zeker oké, met naast die eerdergenoemde indrukwekkende gezichtsuitdrukkingen ook mooie graphics, leuke designs voor de vijanden en mooie omgevingen in de levels. Er is een grote uitzondering bij de omgevingen, maar die bespreken we later in deze review. Je kan trouwens ook voor voice acting in het Engels of andere talen gaan, maar de Britse accenten waren dan voor ons toch wat over-the-top. Het past zeker bij het spel, maar wij verkozen hier toch de Japanse stemmen. De muziek is best goed en past overal bij, maar is na het spelen niet meer zo memorabel. Alles draaide op pc (met 32 GB RAM, een 7800XT en een i5-12600 k) bijzonder vlot en de ventilators van onze pc moesten zich eens niet kapot draaien! Het was zelfs een stille bedoeling in vergelijking met de meeste andere recente games. Die RE Engine blijft toch een klein wonder! In de opties kan je voor pc trouwens altijd zien hoeveel invloed elke optie heeft op je CPU, GPU en hoeveel VRAM je nodig hebt. Onimusha: Way of the Sword is niet het enige spel dat dit doet, maar het blijft handig. Jammer genoeg werkt onze Dualsense wel op de pc, maar krijg je geen haptic triggers of adaptive feedback (iets wat Capcom soms wel na release toevoegt via een patch. Fingers crossed!).

Een heerlijk stijlvolle dans
Een zalige mix van aanvallen, verdedigen, ontwijken, afweren en terugslaan
Onimusha, dat betekent knokken tegen talloze demonen, en het goede nieuws is dat dit in Onimusha: Way of the Sword bijzonder fijn is. Je hebt de keuze tussen snelle gewone en iets tragere zware aanvallen om de vijand te raken en ook hun staminameter naar beneden te halen. Eenmaal die leeg is, kan je op spectaculaire wijze gewone vijanden – soms meerdere vlak na elkaar! – in één keer doden en bazen véél schade bezorgen. Het grootste deel van het spel draait echter om afweren of ontwijken. De beste manier om een staminameter leeg te krijgen of gewoon om je te amuseren bij de gevechten, zijn immers de mogelijkheden om af te weren. Mogelijkheden? Ja, want het zijn er al heel snel meer dan in andere games. Je kan een vijand die met een wapen aanvalt – of het nu een eenvoudige katana of een massieve knots is – gewoon afweren, waarna je krachtiger kan terugslaan. Of je kan op een speciale manier afweren en de vijand geen gewone schade maar wél veel staminaschade bezorgen. Bij die twee soorten is de timing ook best mild en vul je na een aantal succesvolle afweringen een meter die je ook tijdelijk sterker maakt. Dan is er echter nog een derde soort van afweren, waarbij je écht nét voor je geraakt wordt moet terugslaan met een van je gewone aanvallen, wat door de héél strakke timing veel moeilijker is, maar dan ook des te bevredigender (en voordeliger) wanneer het lukt. Wanneer vijanden niet met wapens aanvallen, maar (voornamelijk) met hun lichaam, is het echter de bedoeling dat je hun aanvallen ontwijkt. Als je dit genoeg kan doen, vult er zich ook een meter die jou één krachtige tegenaanval geeft.

Dat hele systeem is al leuk, maar het wordt nog beter (of voor sommigen frusterender) wanneer je grijpaanvallen ook met de ontwijkknop moet tegengaan, met je boog pijlen kan schieten, harnassen en schilden eerst met een speciale aanval moet vernietigen, eigen voorwerpen of objecten in de omgeving kan gebruiken, bepaalde superaanvallen enkel maar door af te weren kan tegenhouden, of zelf ook nog speciale en heel krachtige Oni-aanvallen kan uitvoeren. Een vijand met je gewone aanvallen raken op het moment dat die ook jou aanvalt, kan leiden tot een mini-duel waarbij je meteen met de andere aanvalsknop moet verder slaan. Afweren kan dan de start zijn van een grote zwaard-clash waarbij je moet buttonmashen. Er is nog meer, maar dat willen we niet spoilen. We moeten ook vermelden dat wanneer vijanden je in de rug aanvallen je met een heel coole animatie horizontaal over je rug afweert! Wanneer je het systeem onder de knie hebt, is het in ieder geval weer een zalige en héél stijlvolle dans van aanvallen, afweren, ontwijken, terugslaan en afmaken. Hier zijn wel twee belangrijke kanttekeningen bij die heel het vechten nét iets minder leuk kunnen maken. De vijanden wachten meestal mooi hun beurt af om je aan te vallen, en de camera kan in kleine locaties met muren echt héél lastig zijn en ervoor zorgen dat je bijna niets ziet.

SLURP!
Vijanden raken of doden levert gekleurde zielen op die je dan met je gauntlet moet absorberen. Je begint al meteen met drie soorten. Gele genezen je (wat fouten maken in gewone gevechten en zelfs sommige baasgevechten niet zo erg maakt), rode kan je gebruiken om je uitrusting sterker te maken of om bepaalde voorwerpen te kopen, en blauwe vullen een speciale meter. Eenmaal die vol is, kan je een heel krachtige Oni-aanval doen. Je hebt er meerdere en je kan in het midden van een gevecht eenvoudig wisselen tussen bijvoorbeeld een heel krachtige aanval op één vijand, een aanval die je genezingszielen opbrengt of een tornado die meerdere vijanden in één keer onschadelijk kan maken. Hoe meer zielen je tegelijkertijd absorbeert, hoe sterker het effect. Dat zorgt ook weer voor een extra tactische beslissing waarbij je moet kiezen om meteen zielen te absorberen, of om ze te laten tot een later moment in een gevecht… met het gevaar dat bepaalde vijanden en ook bazen de zielen zélf absorberen en zo sterker worden. Ook wanneer vijanden jouw staminameter kunnen leegslaan, verlies je een aantal van je eigen zielen. Dat is vooral irritant als daardoor een van je speciale meters opeens veel leger is dan net ervoor en je je superaanval kwijt bent.

Zalige maar soms te vaak herhaalde baasgevechten
Onimusha: Way of the Sword voelt vaak toch meer aan als iets anders dan een pure soulslike.
Het beste aspect van heel de gameplay zijn de baasgevechten. Ze zijn stuk voor stuk schitterend en wanneer je hun patronen geleerd hebt, zorgt het voor zalig stijlvolle momenten. Ook al hebben ze vaak meerdere fases, in het begin zijn ze niet zo bijzonder uitdagend en zal je ze bijna allemaal van de eerste keer kunnen verslaan, maar in de tweede helft van Onimusha: Way of the Sword worden ze opeens veel uitdagender. Tip: weer zeker hun superaanvallen af, tenzij je wil dat de bazen je zielen stelen, opslurpen en nog sterker worden! De eindbaas is trouwens ook een stevige brok die een paar unieke elementen heeft, waardoor je misschien gaat vloeken. Sterven is niet zo erg, want je verliest niets: noch je verzamelde zielen noch de voorwerpen die je tijdens het gevecht gebruikt hebt. Boss runs? Nope, gewoon meteen de baas herbeginnen! Onimusha: Way of the Sword heeft misschien rustpunten en stamina, maar voelt vaak toch meer aan als iets anders dan een pure soulslike.

Wanneer je in een actiespel een baas eindelijk kan doden, geeft het een dubbel gevoel: euforie dat het gelukt is, en een leegte omdat het gedaan is. Dat wordt in dit spel op twee manieren opgelost: aan de ene kant heb je in een trainingsarena de mogelijkheid om alle bazen die je al verslaan hebt opnieuw en opnieuw te bevechten! Aan de andere kant komen een aantal minibazen (en zelfs een klein aantal gewone bazen) te vaak terug. Elke baas is op zich uniek en zalig om te bevechten, waardoor het jammer is dat je die gevechten vaak moet herhalen in plaats van nog andere unieke bazen te krijgen. Ze in de trainingsarena herspelen is een keuze, ze in het verhaal meerdere keren terugzien kan eerder irritant zijn. In die trainingsarena kan je ook tutorials spelen, wat er wel voor zorgt dat je in totaal voor bepaalde basisacties driemaal een tutorial krijgt: tijdens de proloog, tijdens het eerste deel van het spel en nog eens in de trainingsarena. Wist je trouwens dat je in Onimusha: Way of the Sword kan aanvallen of aanvallen afweren?

Minder interessante semi-open wereld
Kyoto is maar een saaie bedoeling
De gevechten zijn zoals gezegd zalig, en je een weg banen doorheen de (soms heel grote) levels is een fijne ervaring, maar hetzelfde kan niet gezegd worden van de semi-open wereld. Tussen de levels door keer je immers vaak terug naar Kyoto, waar je ook kan rondlopen, vijanden en minibazen kan verslaan en materialen kan verzamelen om jezelf sterker te maken. Na een tijdje is dit gewoon niet meer zo interessant. Kyoto is visueel en zelfs qua gameplay maar een saaie bedoeling, met ongeïnspireerde grijze wolken en veel te veel dezelfde straten, tempeltjes, gebouwen, vijanden en minibazen. Het probleem is dat het toch een goed idee is om de stad te verkennen, omdat je de upgradematerialen en vooral bepaalde skill stones best kan gebruiken. Die laatste kan je in een van de skill trees investeren in nieuwe en soms handige vaardigheden, maar zitten dus voor een groot deel verstopt in de stad en eventuele zijmissies. Heel het vooruitgangssysteem is dan ook niet het meest interessante. Je verzamelt overal in de stad materialen die je dan kan gebruiken om je charms (heel beperkt in aantal, maar voor handige bonussen), zwaard, kleren (max HP) of gauntlet (Oni power en zuigsnelheid) iets te verbeteren. Iets? Ja, we spreken hier over een tweetal procentjes per keer. Boeiend!

Om de zoveel verhaalmomenten opent er zich een nieuw gebied van Kyoto en kan je opnieuw aan je zoektocht naar materialen beginnen. Er zijn ook een aantal kleine zijmissies te doen, die elk hun eigen verhaaltje hebben. Sommige zijn zeker niet slecht, maar wereldschokkend zijn ze ook niet. Voor sommige van de zijmissies of schattige collectibles moet je terugkeren naar de levels (wat met de handige fast travel naar rustpunten trouwens heel vlot gaat) om een paar verborgen vijanden te vinden. Dat betekent niet heel het level herspelen, want de levels zijn eigenlijk gewoon andere locaties waar vooral bij je eerste bezoek speciale dingen gebeuren. Daarna is het een kwestie van fast travel, snel een paar vijanden doden of collectibles zoeken (die allemaal op je kaart komen na een tijdje) en weer weg. Gelukkig kan je de bazen dus in je trainingsarena herspelen!

Onimusha: Way of the Sword is wat uitgerekt, maar wel heel leuk
De semi-open wereld, zichzelf herhalende (mini)bazen en trage manier van jezelf sterker maken laten Onimusha: Way of the Sword uiteindelijk wat te uitgerekt aanvoelen. Wij deden er dertig uur over om alles te doen in een eerste playthrough, maar het hadden er gerust wat minder mogen zijn. Er is trouwens een New Game+ waarnaar je heel wat kan meenemen, zoals je unieke outfits en gevonden collectibles, maar raad eens wat je niet kan overzetten? De upgrades voor je zwaard, kleren en gauntlet! Zelfs de extra materialen die je de eerste keer verzameld hebt, ben je kwijt… Het uitgerekte gevoel blijft dus ook in ng+. Onimusha: Way of the Sword is uiteindelijk een heel goed actiespel met heel goede en stijlvolle gevechten, een leuk verhaal en een paar zalige momenten, maar lijdt onder zijn eigen progressiesysteem en minder geïnspireerde semi-open wereld.

.
Geïnteresseerd in Onimusha of recente games?
- Wij gaven een tijdje terug onze indrukken van de demo’s of beta’s van Onimusha, Mortal Shell 2 en Valor Mortis.
- The Blood of Dawnwalker brengt vampieren op een sterke manier terug in de focus voor rpg’s.
- The Sinking City 2 combineert Lovecraft met Resident Evil, maar verliest wat van het karakter van het eerste spel.
- Wij mochten de network test van The Duskbloods uitproberen.
- Marvel Tōkon: Fighting Souls is een zalige fighting game.
Onimusha: Way of the Sword is te koop bij o.a. bol.com.
We ontvangen een kleine commissie als je iets koopt via onze partnerlinks.
Heel leuk
Heel leukRaak
- Heel stijlvolle gevechten met meerdere opties (eenmaal je het systeem doorhebt)
- Fijne (en in de tweede helft van het spel soms best uitdagende) baasgevechten
- Een leuk en campy verhaal in historisch Japan
- Technisch goed gedaan op de RE Engine
- Schitterende gezichtsuitdrukkingen en goede voice acting
Braak
- De semi-open wereld is visueel en qua gameplay vaak wat saai, waardoor het geheel wat uitgerekt lijkt
- Het vooruitgangssysteem van je uitrusting is ook niet echt boeiend
- Te vaak herhaalde minibazen (en zelfs een paar gewone bazen)
- De camera is vreselijk als je tegen een muur zit