Godzilla is de koning van monsterlijke empathie en spanning

0

Op het strand trekt het water zich in een ijltempo terug. Een vastgeketende hond blaft naar het ding dat verrijst uit de zee. De viervoeter maakt zich los en loopt weg, uit angst voor hetgene waar we als kijker al een uur lang op zitten te wachten, en waar we nog even geduld voor zullen moeten uitoefenen om eindelijk in volle glorie te aanschouwen: Godzilla.

Deze scène is typerend voor Godzilla uit 2014. Niet de kijker krijgt het titelpersonage als eerste te zien, wel een hond. Regisseur Gareth Edwards laat de toeschouwer graag op zijn honger zitten in deze film over een familie gebroken door immens grote monsters.

Een uur wachten op Godzilla

We maken kennis met Joe, gespeeld door Bryan Cranston. Hij ontdekt vreemde schommelingen in de seismische activiteit rond de kerncentrale waar hij werkt. Wanneer deze aardbevingen het ergst zijn, ontploft de kerncentrale en verliest Joe zijn vrouw. Jaren later ontdekken de maniakaal geworden Joe en zoon Ford (Aaron Taylor-Johnson) een doofpotoperatie rond de ramp. De aardbevingen waren de oorzaak van wezens die zich voeden aan kernenergie. Een van die MUTO’s ontwaakt en de hel breekt los. In de chaos die volgt, sterft Joe en met hem het enige interessante menselijke personage. Na die verrassende dood is het nog een uur wachten op de intrede van het volgende karaktervolle hoofdpersonage. Hint: het is een eeuwenoude, gigantische hagedis.

© Warner Bros

De premisse van Godzilla is eenvoudig. Het grote reptiel Godzilla neemt het op tegen al even grote tegenstanders en in hun gevechten gaat er veel kapot. Natuurlijk is dat hier het geval, maar regisseur Edwards pakt het iets subtieler aan dan pakweg Guillermo del Toro met Pacific Rim (2013). In del Toro’s onpretentieuze actiefilm, ook een ode aan het Japanse kaiju- of monstergenre, nemen torenhoge robots het een tweetal uur op tegen imposante gedrochten. In Godzilla bouwt Edwards de spanning op en stelt hij het ultieme gevecht tussen Godzilla en de MUTO’s steeds uit. De razernij wordt voorafgegaan door een poging om menselijk drama te scheppen, dat helaas een stuk minder interessant is dan een groot beest.

Van uitstel komt geen afstel

De eerste beesten krijgt de kijker redelijk vlug voorgeschoteld. Je verwacht dat het radioactieve monster in het begin Godzilla zelf is, maar het is de wederhelft van de vrouwelijke tegenstander die even later wordt geïntroduceerd. De kreten van die MUTO’s maken het eeuwenoude reptiel wakker dat toevallig hun natuurlijke vijand is. Godzilla zelf wordt daarna maar geleidelijk aan in beeld gebracht. Pas op de helft van de film verrijst hij ’s nachts uit het water. Vuurpijlen verlichten het indrukwekkend grote lichaam. Toeschouwers kijken vol verbazing omhoog. Door de ramen van de luchthaven, waar de MUTO dood en verderf zaait, zien we kolossale poten neerstrijken. De camera, die steevast op de grond blijft om te benadrukken hoe reusachtig Godzilla is, neemt het titelmonster in beeld van kop tot teen. Hij brult zijn herkenbare schreeuw. En dan volgt één van Edwards’ geniepige trucjes: op een televisie zien we in het klein kort hoe het daaropvolgend gevecht ging.

In de aanloop naar de derde akte krijgen we een duidelijk beeld van Godzilla bij zijn passage door de Golden Gate Bridge. Ook hier is spanning het sleutelwoord. Zijn staart, poten en hoofd worden gefilmd vanop de brug of vanuit een bus. Het laatste shot van de scène is vanop een boot, waar we in de verte toch nog Godzilla zien in vol ornaat. Aangekomen in San Francisco neemt Godzilla het eindelijk op tegen de MUTO’s. Terwijl mensen in de stad dekking zoeken, komen de monsters oog in oog te staan. Maar net wanneer het gevecht begint, sluiten de poorten van de schuilplaats en eindigt onze blik op de vechtscène waar we als kijkers al zo lang naar verlangen.

In de derde akte komt het er uiteindelijk van. Opnieuw stijgt de spanning met nachtelijke point-of-view shots van soldaten, maar daarna breekt het spektakel volledig los en strijdt Godzilla met de MUTO’s in volle glorie om de balans in de natuur te herstellen.

© Warner Bros

Een gedurfde aanpak

Edwards’ techniek om Godzilla’s aanschouwing zo uit te stellen, vertoont durf vandaag de dag. Ongeduldige cinemakijkers willen alle spektakel direct op hun bord krijgen, instant gratification zoals dat zo mooi heet. Maar Edwards durft leentjebuur te spelen bij de grootmeester van de blockbuster: Spielberg. De regisseur grijpt met zijn manier van spanning opbouwen terug naar Jaws (1975). Het tonen van de haai in Jaws wordt ook zodanig uitgesteld dat de bevrediging des te groter is wanneer het dier uiteindelijk verschijnt. Dat de hoofdpersonages uit beide films dezelfde achternaam dragen, maakt de connectie enkel sterker. Waarin Godzilla verschilt met Jaws is het gebrek aan interessante menselijke hoofdpersonages. 

In Godzilla geraak je de gevechten niet beu, integendeel je verlangt naar meer beelden van de monsters. Als we Godzilla eindelijk te zien krijgen, voelen we meer met hem mee dan gelijk welk ander personage in de film. Hetzelfde geldt vreemd genoeg voor de MUTO’s. Wanneer Bryan Cranstons personage Joe het leven laat, schieten er enkel nog fletse menselijke personages over met als dieptepunt het bordkartonnen hoofdpersonage.

De focus op het menselijke drama in Godzilla werkt niet omdat alle personages onbelangrijk aanvoelen. Ze hebben niks te doen, behalve de weinig charismatische soldaat Ford. Als kijker zoek je de empathie ergens anders op en dan belandt je bij de enorme monsters uit de film. De twee slechteriken delen een intiem weerzien. Ware het niet voor hun afschuwelijkheid, is het moment zelfs schattig te noemen. Ford vernietigt de eieren van de vrouwelijke MUTO, gevolgd door een krijs die door merg en been gaat, zoals enkel een moeder dat kan.

© Warner Bros

Godzilla komt over als een goedaardig schepsel dat in zijn missie helaas wat nevenschade veroorzaakt. Wanneer het leger hem bombardeert met kogels en raketten tijdens zijn passage bij de Golden Gate Bridge, beschermt hij onvrijwillig de kinderen die het risico lopen om ook geraakt te worden. In het beslissende gevecht zie je de vermoeidheid oplopen bij Godzilla. Het gigantische beest wordt boos, heeft pijn en zucht en blaast als hij het écht te moeilijk heeft. Tot tweemaal toe valt het monster uitgeput neer. Nadat Godzilla de mensheid van haar ondergang heeft gered, verliest hij synchroon het bewustzijn met het hoofdpersonage Ford.

In totaal zien we de grote hagedis maar zo’n acht minuten in beeld. Net zoals Jaws, Alien (1979) en Cloverfield (2008) werkt de film goed door wat het niet toonde. De aanpak van de regisseur levert een unieke blockbuster op die het meer moet hebben van spanning en opbouw dan van het verhaal. De imposante grootte van de beesten wordt weergegeven door slimme camerastandpunten. De film doet eer aan de rijke geschiedenis van de Japanse monsterfilm. En wanneer Godzilla op het einde zijn ogen opent en in volle daglicht de verwoeste stad verlaat, zijn we net zo euforisch over het verrijzen van de koning van de monsters als de overlevenden van de ravage. Hij duikt het water in en zwemt weg, tot hij terug mag opdraven voor het vervolg.

Godzilla kan je op Netflix bekijken, gevolgd door een uitstapje naar Godzila: King of the Monsters die vanaf nu in de bioscoop speelt. Lees hier onze review van de nieuwe film.

Share.

About Author

Matti Meurisse

Tekent als het past, kijkt veel te veel films en series als het niet past en verkent ondertussen de wereld der comic books.

Reacties