Playstation VR, HTC Vive en Cardboard (deel 3)

0

Oculus kon zichzelf niet ongestoord tot “koning van VR” kronen. Hun meest geduchte concurrent – de HTC Vive – hebben ze zelf gecreëerd en de Playstation VR kan wel eens de belangrijkste headset van allemaal worden. Ondertussen zat de smartphone-industrie ook niet stil. Dit alles en meer in het voorlaatste deel van het VR dossier!

A new challenger appears

In 2014 stelde Oculus de DK2 voor op CES (Consumer Electronics Show). Toen droeg deze nog de Crystal Cove-naam, vanwege de LED’s op de plastic behuizing. Dit was de eerste VR-headset die ook positionele tracking had en zo alle hoofdbewegingen kon nabootsen in de virtuele realiteit. Oculus genoot nog maar eens van onverdeelde aandacht en lof in de technologie-industrie. Vooruitbestellingen voor de DK2 gingen van start, en toen werd Oculus opgekocht door Facebook. Er leek geen vuiltje aan de lucht.

Oculus DK2

Op GDC (Game Developers Conference) twee maanden later, stelde Sony zijn Project Morpheus voor,het antwoord van Playstation op de enkel-voor-pc Oculus Rift. Dit was niet Sony’s eerste HMD (Head Mounted Display) – ook hun geschiedenis gaat terug naar de jaren negentig.

Glasstron

Zie er idioot uit dankzij de Glasstron

Twee Sony-managers dragen de Glasstron

Je vraagt je misschien af “wacht eens, als Sony ook een headset had in de jaren negentig, waarom komt het niet voor in je eerste artikel?” en daar heb je een punt. Jammer genoeg was Sony’s eerste headset geen echte VR-headset. In 1997 bracht Sony de Glasstron uit, een personal viewer. Het had geen bewegingssensoren en bootste enkel een enorm scherm na. Niet echt virtual reality dus. Je kon er je Playstation, DVD-speler of computer op aansluiten, en daar bleef het ook bij. Zoals je waarschijnlijk al kan raden, was het een flop. De prijs van $499 hielp ook niet.

In 2010 bracht Sony de Playstation Move op de markt – een tegenreactie op het enorme succes van Nintendo’s Wii. De Move heeft het niet zo goed gedaan, maar was volgens Sony een eerste stap naar VR-controllers.

In 2012 zag de HMZ-T1 het levenslicht, wederom een poging om personal viewers op de markt te krijgen. Met een kijkhoek van slechts 45° en een resolutie van 720p, was het technisch niet hoogstaand, maar de headset had wel ondersteuning voor 3D blu-ray-films. De HMZ kwam op de markt voor de ‘milde’ prijs van €799, wat zonder verdere uitleg boekdelen spreekt over het succes van de headset.

De HMZ-T1 met input-box

De HMZ-T1 met input-box

Project Morpheus

PSVRMet zo’n voorgeschiedenis zou je denken dat Sony zich al te vaak heeft verbrand aan headsets om het nog eens opnieuw te proberen. In weerwil hiervan stelt het bedrijf op 18 maart 2014 Project Morpheus voor. De belofte was dat het zonder problemen op iedere PS4 zou werken. Via de PS Camera en ingebouwde LED’s heeft de headset head-tracking én kan hij de Playstation Move ook volgen. In 2015 krijg het project een nieuwe (weinig originele) naam: Playstation VR. Sinds maart 2016 weten we wanneer de headset op de markt komt en welk prijskaartje eraan vasthangt: een lichte €399, waardoor het de goedkoopste high-end headset op de markt is.

Wat de Playstation VR zo goedkoop maakt, is ook het zwakste punt. Het moet allemaal werken met een PS4, niet een high-end gaming pc. Het scherm in de PSVR is dan ook maar een 1080p LCD-scherm en heeft een externe co-processor nodig om het geluid naar de headset en een spiegeling van het beeld op TV weer te geven. De headset draait games ook enkel aan 60 frames per seconde en verdubbelt ze naar 120 fps via een methode die reprojection heet.

Wat is reprojection?
Reprojection is een techniek waarmee je tussen twee frames door een extra frame steekt. Deze extra frame is een mix van de twee waar het tussen geplaatst wordt. Die zou er op zich niet goed uitzien, maar omdat het zo snel passeert merk je de kwaliteit niet op. Als reprojectie zou gebruikt worden om van 30fps naar 60fps te gaan, zou het wél opvallen. Het beeld is hierdoor veel vloeiender, wat enorm belangrijk is voor VR. Bij de minste vertraging of hapering van het beeld word je direct uit de ervaring gehaald.
Op softwarevlak heeft Playstation alvast niet te klagen, want al meer dan 100 game developers hebben titels voor het toestel in ontwikkeling en zelfs grote studio’s als Ubisoft en EA hebben al games voor de PSVR aangekondigd.

Valves interesse in VR

Wie een klein beetje zijn videogame-geschiedenis kent, weet dat het ontstaan van Playstation dankzij Nintendo komt. Om een lang verhaal kort te maken: Nintendo wilde een CD-ROM-accessoire voor de SNES en stapte daarvoor naar Sony. Terwijl Sony ervan overtuigd was dat de deal beklonken was, had Nintendo een deal gesloten met Philips om de CD-I te produceren. Sony zinde op wraak en wou bewijzen dat ze het alleen ook konden. En zo is Playstation ontstaan.

Waarom spendeer ik een alinea om dat verhaal kort samen te vatten? Omdat wat er tussen Valve en Oculus is gebeurd, er enorm hard op lijkt. De geschiedenis herhaalt zich dus ook maar al te graag in de game-industrie.

Eén van de vele prototypes van Valve

Een van de vele prototypes van Valve

Valve was begonnen met virtual reality in 2012. Ze hadden zich over het probleem met schermen gebogen, en over hoe de tracking in elkaar zou zitten. Met deze werkwijze maakten ze een hele reeks prototypes die QR-codes gebruikten, die dan door camera’s gescand werden om zo de positie te berekenen. Na Oculus’ succesvolle kickstarter, werd Valve een grote partner. Omdat Valve zelf geen headset kan produceren en Oculus wél, zouden beiden kunnen genieten van de samenwerking. Maar nadat Oculus werd overgenomen door Facebook, viel de samenwerking stil. Valve moest op zoek naar een nieuwe hardware-partner, want het bedrijf zou koste wat het kost een VR-headset uitbrengen.

HTC komt op het toneel

HTC had ook een eigen interesse in VR. Het bedrijf zag al snel het potentieel in VR en vergeleek het met de begindagen van de smartphone. Hiermee wilde het absoluut aan het voorfront staan. Het HTC Future Development Lab werd gesticht. In het begin van het project werd augmented reality getest – zoals de Hololens van Microsoft – en VR. Uiteindelijk werd beslist om verder te gaan met VR. Ze wilden dezelfde tactiek toepassen als bij het begin van de smartphone-boom: “Wees vroeg én high-end”.

HTC Vive product shot

Uitendelijk zijn Gabe Newell (CEO van Valve) en de mede-oprichter van HTC, Cher Wang, samen gaan zitten, wat in 2015 tot de aankondiging van de HTC Re Vive leidde. De ‘Re’ zou snel verdwijnen uit de marketing, maar het was toch een profetische naam voor VR. Wat de Vive al snel uniek maakte, waren de controllers. Iedere Vive komt met twee motion controllers, die handen nabootsen in VR. De Vive is ook capabel tot room-scale, wat in essentie de mogelijkheid is om rond te lopen met de headset in virtual reality. Op 29 februari 2016 kreeg de Vive eindelijk een releasedatum en prijs: 5 april 2016, en €899.

Mobiele VR

De toekomst van VR is er eentje zonder kabels. Dat is wat de Playstation VR, HTC Vive en Oculus Rift momenteel gemeen hebben; één of meerdere kabels die vanuit de headset naar de computer of console gaan. Naast de praktische vereisten, hangt de toekomstvisie van VR hangt ook vooral af van de betaalbaarheid van de headsets. Dat zijn troeven die zowel de Google Cardboard en de Gear VR van Samsung hebben.

Samsung's VR patent uit 2005

Samsung’s VR-patent uit 2005

Samsung’s eerste poging tot VR was in 2005. Er dook toen een patent op voor een headset die een gsm-scherm zou gebruiken. De technologie stond toen nog niet ver genoeg om het effectief te testen en het bleef uiteindelijk bij prototypes. Pas in 2013 voelde Samsung dat er eindelijk een smartphone was die VR zou aankunnen. Dit was de Galaxy S4. Zelf raakte Samsung er niet echt aan uit en in 2014 werd Oculus een partner.

Samen met de Note 4 werd in september 2014 de Gear VR Innovator Edtion aangekondigd. In essentie was het een plastic behuizing met extra sensoren en lenzen, voor de early-adopter-prijs van $200. Pas in 2015 zou op Oculus Connect 2 (de jaarlijkse conferentie voor Oculus-developers) de Gear VR zoals we hem kennen aangekondigd worden: €99 voor de headset (S6-smartphone niet bijgeleverd natuurlijk). Je offert er wel positionele tracking voor op en uitgebreide games zoals die op PSVR, Rift of Vive.

Als je geen Samsung-telefoon hebt, is er ook nog altijd Google Cardboard. Cardboard is op dit moment de meest toegankelijke én goedkoopste vorm van VR. Zoals aangekondigd op Google I/O (de jaarlijkse developersconferentie van Google) in 2014, is de Cardboard alles wat je ervan verwacht. Een kartonnen behuizing met twee simpele lenzen in, waar praktisch iedere smartphone in past.

Exploration Program

De Google Cardboard is een toegankelijk beginpunt om mensen met VR bekend te maken. Je kan er bijvoorbeeld 360°-video’s en -foto’s mee bekijken en er bestaan ondertussen meer dan 1000 verschillende apps voor. De beste applicatie voor Cardboard is het Expeditions-programma. Die geeft lagere scholen een 30-tal smartphones met Cardboard,
om zo virtuele uitstapjes te doen. Dit is vooral een handig leermiddel voor lessen aardrijkskunde, waar je plots in een ander land kunt staan, in plaats van naar een klein fotootje in het lesboek te turen.

Where do we go from here?

Oculus heeft een volledige industrie opgestart, heeft mobiele VR van de grond gekregen én een concurrent gecreëerd. Laten we ook niet vergeten dat VR nog steeds in kinderschoenen staat. Samsung gaf met alle S7-pre-orders een gratis Gear VR weg, wat leidde tot een miljoen Gear VR-gebruikers. Maar er is nog niets bewezen. De Oculus Rift en HTC Vive zijn nog niet verkrijgbaar zonder een pre-order en de Playstation VR komt pas in oktober op de markt.

Met andere woorden: this is just the beginning. En hoe het verder moet? Dat lees je volgende week in het laatste hoofdstuk van het VR-dossier!

Share.

About Author

Avatar

Reacties