Blast From The Past: Runescape

0

Toen mijn personage, Jens Ozzie, in 2004 zijn eerste stappen zette op Tutorial Island, hadden zowel hij als ik geen enkel idee hoeveel van mijn leven Runescape zou domineren. Wanneer ik thuiskwam van de middelbare school was Runescape mijn tweede leven. Sommige avonden schrokte ik mijn eten binnen en raasde ik door mijn huiswerk, want ik had stenen om te mijnen, bomen om te hakken, een huis te bouwen en quests te vervolledigen. Mijn Runescape-carrière ligt intussen al jaren achter me, maar met de release van de mobiele versie wordt de n00b in mij terug wakker en jeuken mijn vingers al om meer experience points te verdienen.

Blast from the past

Het zal velen wellicht bekend in de oren klinken, Runescape was ooit dé game voor veel pc-gamers. Velen hadden, net als ik, geen budget voor die superdure consoles, en een echte gaming pc zat er wellicht ook niet in. Runescape was voor ons een ideale oplossing, want alles wat je nodig had om die game te runnen was een internetverbinding en een computer die niet prehistorisch was. De game was bovendien gratis, zolang je ermee akkoord ging om geen toegang te hebben tot een groot deel van de wereld, quests en skills. Betalende spelers kregen uiteraard een pak meer content.

Er waren natuurlijk meer redenen voor de ontzettende populariteit van het spel, zoals het feit dat iedereen zijn eigen pad kon kiezen. Er was geen hoofddoel, niemand zal je ooit zeggen wat de juiste manier was om het spel te spelen. Je had een hele lijst aan skills om te trainen, en of je die nu allemaal omhoog wou halen, of enkel een select aantal, de keuze was volledig aan jou. Wie een sterke vechter wou zijn, kon tijd en energie steken in het trainen van attack, defense, strength, magic en ranged. Wie rijk wou worden, investeerde dan weer meer in woodcutting, mining, fishing en dergelijke. Het was perfect mogelijk om het spel jaren te spelen zonder ooit één vijand te mollen (behalve in de tutorial) net als het mogelijk was om enkel bepaalde combat skills te trainen en andere laag te houden, met de bedoeling van je algemene combat level bedriegelijk laag te houden voor tegenstanders.

It’s MMORPG’ing time!

Runescape was mijn allereerste MMORPG, een genre dat tot op vandaag gedomineerd wordt door World of Warcraft, en ook al heb ik heel veel mooie herinneringen aan WoW, toch vond ik dat het Runescape op bepaalde vlakken niet kon overtreffen. Je kon ook skills trainen in WoW, een beperkt aantal per character, maar het voelde toch niet hetzelfde. Er waren maar weinig plekken die specifiek op je skills gericht waren, vechten domineerde het spel, wat bij Runescape niet noodzakelijk het geval was. Ook de quests van WoW waren niet te vergelijken met Runescape: geen enkele quest eiste ooit van mij om x aantal vijanden te doden en dan terug te keren naar iemand met een gouden vraagteken boven hun hoofd. Elke quest was een verhaal in Runescape, hoe klein of hoe groot ook, en elk waren ze uniek. Door je quests te vervolledigen, speelde je nieuwe uitrustingen, wapens, skills of gebieden vrij, en sommige ervan waren enorm moeilijk: het spel eiste dat je zou verdienen wat je kreeg, ook al kostte het tientallen pogingen en bakken virtueel goud.

De wereld had een rijke geschiedenis en veel boeiende verhalen, die je perfect kon negeren, of je kon, net als ik, veel tijd stoppen in alle beetjes verhaal te ontdekken en snappen. Je kon perfect je eigen verhaal bouwen, samen met vrienden die je al kende of doorheen het spel leerde kennen. Zo herinner ik me nog dat ik ooit samen met enkele online vrienden een quest wou ondernemen. De quest heette Underground Pass en de opzet was om doorheen een gigantisch grottenstelsel vol vallen en vijanden te reizen naar het mystieke land van de Elfen, dat op geen enkele andere manier bereikbaar was.

Ik kan zelf nog lang niet aan de bewuste quest maar hier is een screenshot van Youtube-kanaal Rs2007OldSchool.

We trokken onze beste wapens en uitrustingen aan, stopten onze rugzak vol met eten, potions en andere benodigdheden, en we trokken op pad. We besloten ook om geen internetgids te raadplegen, want dat zou valsspelen zijn. Met z’n drie trokken we de grot in, klaar voor alles wat ons tegemoet zou komen. Het duurde niet lang voor we onze eerste man verloren, Luke had namelijk een te laag agility level en geraakte maar niet over een hinderlaag, hij bleef schade pakken en heeft moeten afhaken toen hij in de tweede kamer al doorheen zijn rantsoen was. Ikzelf en Liam trokken verder, door donkere gangen vol monsters, en enkele keren kwamen we terug uit op een punt waar we eerder al waren geweest. Het grottenstelsel was een doolhof, en onze levels en kunde waren duidelijk maar op het randje van acceptabel om er vlot door te geraken.

Toen we door een moeilijk stuk reisden, donderde Liam plots naar beneden. Zijn character had een sprong gemist en viel tot zijn dood. Bijgevolg moest ik een heel stuk terugreizen, met haast, om Liams dure uitrusting nog te redden.

Zogezegd, zo gedaan, en op de terugweg naar het punt waar Liam viel, ontmoette ik nog een andere speler, iemand die ik nog niet kende. Samen met haar reisde ik door de laatste paar gangen van de grotten, waar ik doorheen mijn laatste voedsel geraakte en ik met bitter weinig resterende hitpoints toch de uitgang wist te bereiken. Ik was in het fabelachtige land van de Elfen, de enige overlevende van onze sterk uitgeruste groep. Het harnas waar mijn vriend in gestorven was in mijn rugzak. Ook al was mijn character op het randje van de dood, toch was ik zo blij met deze prestatie, want enkel ik had het gehaald, en enkel ik had een unieke ervaring die niemand ooit nog zou meemaken in Runescape. Hoe leuk het verhaal van de game ook was, de beste momenten waren toch die met medespelers.

Run! Escape!

Aan alle mooie liedjes komt een einde, en dat einde was er voor mij in 2008. Runescape had door de jaren heen enkele updates gekregen die het spel makkelijker maakten. Een hoog level in een skill halen betekende dat je enorm veel tijd en moeite had gestoken in het trainen van die bepaalde skill, maar vanaf een bepaald punt waren er voldoende minigames en events die je bakken experience cadeau deden, zodat iemand die nog relatief nieuw was in het spel er al in slaagde om de hoogst mogelijke stats te halen in hun skills naar keuze. Nieuwe skills en quests waren vaak ondermaats, de Wilderness, waar spelers met elkaar kunnen vechten, werd verwijderd. De game had zijn hoogtepunt bereikt in 2007, wat voor vele fans ook het beste jaar van Runescape was. In 2008 logde ik voor de allerlaatste keer uit op Jens Ozzie, een account die later in handen van een andere speler is gevallen en nu niet meer bestaat.

Heerlijk hoge definitie op pc.

Intussen is er een nieuwe versie van het spel, Runescape 3, met betere graphics, vernieuwde combat en in het algemeen een mooie modernisering van het klassieke spel. Die derde iteratie van het spel zegt me niets, ik heb het enkele keren een kans gegeven, maar het is niet wat ik speelde en niet wat ik vandaag zoek.

Oud wordt nieuw

De mobiele versie daarentegen is de 2007-versie waar ik zo van hield, een versie die trouwens ondersteund blijft worden. Er zijn doorlopend polls waarin spelers kunnen stemmen op welke nieuwe content ze willen. Geen grote beslissingen achter de schermen dus, alles wordt door de speler bepaald. De graphics zien er wel nog altijd uit als een browserspel uit 2007, daar kan je niet onderuit. Mij persoonlijk stoort het niet, want die graphics zijn voor mij zo iconisch geworden als de stijl die Runescape definieert. Beschouw het als een spel op de Nintendo 64 opnieuw spelen. Het ziet er grafisch niet indrukwekkend uit, maar je bekijkt het door een andere lens.

Ik heb zo’n maand geleden in de bèta van de mobiele game een nieuwe account gemaakt. Voorlopig speel ik nog de gratis versie, met als doel om alle gratis quests te vervolledigen. Ik spendeer mijn mobiele tijd met het spel aan het trainen van trade skills. Houthakken en mijnen kan je perfect vanuit je luie zetel doen met een half oog op het spel. Mijn laptop gebruik ik voor quests en combat, waar timing en finesse belangrijker is. De besturingen van de mobiele versie zijn simpel en vrij voor de hand liggend, met identieke controls als de versie op pc. Mijn enige kritiek is dat menu’s en de inventory iets te klein zijn, zelfs op vrij grote telefoons.

Ik zal me mezelf wellicht niet meer zo verliezen in het spel als in 2007. Daar heb ik de tijd en de zin niet meer voor. Wat ik wel kan doen, is genieten van het warme nostalgische gevoel dat me herinnert aan een simpelere tijd. Toen ik nog een puber was met als enige verantwoordelijkheid om mijn blacksmithing hoog genoeg te krijgen om rijk te worden door Rune Scimitars te maken.

Wie het spel zelf nog een tweede, of zelfs eerste kans wil geven, kan nu al beginnen spelen op pc. Vanaf 30 oktober is Runescape Mobile ook beschikbaar voor alle mobiele spelers die niet in de bèta zitten.

Hail Zezima.

Share.

About Author

Jens Osaer

Liefhebber van alles Westeros en Hyrule. In sommige kringen bekend als Dungeon Master. Ik zal nooit geloven dat Cola Light en Cola Zero hetzelfde zijn.

Reacties