PS+ Review: Pix the Cat ( PS4, Vita )

0

Het waren andere tijden. In de donkere zalen van de arcade, daar gebeurde het allemaal. Iedereen stond achter elkaar om een glimps op te vatten van de huidige kampioen’s meesterpot. Angstig met je munten spelen tot het jouw tijd was om af te gaan, nadenken over de beste strategie. Oefenen en zweten, wetende dat je tegenstand elke move nauwlettend in de gaten houdt. Allemaal om eindelijk eens jouw 3 letters op dat kathode scherm te doen verschijnen. Drie letters, daar deden we het om. De jeugd van tegenwoordig kent dit niet meer, de rush. Schieten op elkaar dat is al wat ze nog doen. Wat we nodig hebben is nog eens een goed, hard arcadespel om ze wat discipline te leren. Een arcadespel waar je vingers van zeer doen en je blij bent dat je eelt op je duim hebt. Een arcadespel die een barrage van vloeken kan weerstaan en waarvan haar zichzelf uittrekt uit pure wanhoop. We hebben Pix the Cat nodig.

Pix the Cat is het recentste spel van Franse studio Pastagames dat Pix weer in de hoofdrol zet. Deze keer geen platformer, zoals Pix’n Love Rush, maar een supernerveus en veeleisend arcade spel. Scenario werd voor de gelegenheid ook in de kast gelaten. Maar wat is Pix the Cat? Pix the Cat is een mechanisme dat de developers heel handig vertaald hebben naar 3 speelmodi: Arcade, Laboratory en Nostalgia. Alle drie hebben ze hun specificiteit. Zo is arcade de puurste vorm van het spel en ga je gewoon voor de beste score. Laboratory is de puzzle mode van het spel, waarin je in zo weinig mogelijk moves het bord moet zien te legen. Laatste modus, Nostalgia, is te vergelijken met een survivor modus. Je moet een bord een gegeven aantal seconden volhouden zonder te falen. Daarbovenop bezit het spel ook een multiplayer modus, maar ik kom hier later op terug. Want met al deze modi uit de doeken te doen weet je nog niet hoe Pix the Cat in elkaar zit.

pix_the_cat_normal PixTheCat_lab PixTheCat_nostalgia

Arcade, Laboratory en Nostalgia mode

Pix the Cat is een goed gevonden mix tussen Pacman (specifieker de Championship edition) en Snake, wat voor een arcadespel zeker geen slechte referenties zijn. Je bestuurt door middel van de pijltjestoetsen Pix doorheen elk mini-doolhof. Al meteen melden dat je dit best speelt met een arcade stick, als je er één bezit, daar de pijltjestoetsen van de PSVita en PS4 heel plat zijn en dubbele inputs te vaak voorkomen. Elk doolhof is kort, en hierin moet je zo snel mogelijk eitjes zien op te rapen en ze brengen naar de opgelegde plaatsen. Als dit gedaan is ga je met een transitie naar het volgende doolhof enzovoort gedurende exact 300 seconden. Maar, wanneer je een ei opraapt komt deze uit en volgt een klein kuikentje je op de voet tot je hem afzet. Dit is de Snake invloed van het spel. Je kan vanaf dan niet achteruit en tegen jouw kuikens botsen zorgt ervoor dat je al je volgelingen kwijt raakt.

Maar niet alleen dat, je raakt ook snelheid en combo kwijt. Die snelheid en combo zijn vitaal voor je score en net hier blinkt Pix the Cat uit. Sneller gaan betekent meer punten, maar ook sneller fouten in je bewegingen. Botsen tegen een muur, een spook of een mijn breken je combo onverbiddelijk en je mag vaarwel zeggen tegen je highscore. Hou je het toch vol dan ga je in fever mode waar je pas echt punten kan pakken. De snelheid is niet bij te houden maar tegen een spook vliegen geeft je nog meer punten. Hier is dan de Pacman factor; op het juiste moment in fever gaan en je weg kennen zodat je zoveel mogelijk vijanden meepakt voor de high score. De verdere subtiliteit, voor de echte high score jagers, zit hem in zogeheten boost en perfect. Als je rakelings langs muren gaat verhoog je je snelheid manueel en bereik je zo sneller fever. Je krijgt ook een ton extra punten als je eerst alle kuikens ophaalt en ze vervolgens allemaal tesamen afzet. Maar wordt maar niet overmoedig, want Pix the Cat straft je genadeloos af.

pix_the_cat_game pix_the_cat_fever time

It’s fever time !!!

Grafisch is Pix the cat zeer geslaagd. Het heeft een leuke, unieke stijl met graphics die gestroomlijnd genoeg zijn om het spel deftig te laten draaien. Er zijn nergens visuele bugs te bespeuren en de artistieke directie doorheen alle modi verdient een pluim. Klein minpuntje toch bij de fever mode. Hierin loopt dit wat uit de hand en hou je het spel best weg van epilepsiepatiënten. Je krijgt een soort röntgenfilter over het spel en de snelheid  bereikt zijn top waardoor Pix volgen moeilijk en confuus wordt. Een andere probleem op die snelheid is dat de overgang naar het volgende doolhof trager is dan je personage. Je ziet bijgevolg vaak je personage te laat wat resulteert in een ware afstraffing voor je puntensaldo. In andere spelmodi verandert de stijl volgens de titel met hetzelfde vakmanschap. Goed en efficient, zo mag het vaker zijn.

Op vlak van geluid is dezelfde zorg besteed aan Pix the Cat. De soundtracks zijn meeslepend en fokken je goed op. In de menu’s word je dan tot rust gebracht met een speelse melodie. In de andere modi krijgt de muziek, zoals voor het grafisch aspect, een kleine twist om te passen bij de stijl. Zo zal de puzzelmodi Laboratory een soort ‘denkdeuntje’ hebben om je in de juiste sfeer te krijgen waar Nostalgia dan gaat voor een cinéma muet getypeerde soundtrack die perfect past. Waar Pix the Cat verder nog in uitblinkt zijn de geluidseffecten. De verteller die de bonussen afroept is hilarisch en elk geluidje maakt je alleen maar nerveuzer. Alles bereikt zijn climax in fever mode waar je recht hebt op ‘HEADSHOT’ of ‘ DIE ***** DIE’ bij elk omgekegeld spook. Een ware streling voor de oren.

Pix the Cat moet helaas inboeten op zijn content. Arcade spellen zijn inherent repetitief en daar wordt hij niet op afgerekend. Het probleem is dat, ondanks de verschillende modi, eenzelfde modi steeds rond hetzelfde draait. Bij arcade kan je vier levels vrijspelen maar op zich zijn dit steeds dezelfde borden. Hetzelfde geld voor de Laboratory en Nostalgia spelmodi. Het concept hiervan is dan nieuw maar de mechanieken zijn grosso modo hetzelfde. Je kan Pix the Cat dus best appreciëren in kleine dosissen. Of je kan volledig losgaan op de multiplayer modus tot 4 spelers. Het doel is hier elkaar te rammen door power-up eitjes op te rapen en op de vuist te gaan in een van de 7 levels. Simpel maar heel grappig en chaotisch met 3 vrienden.

pix the cat multiplayer

Even op de vrienden afreageren.

Ondanks het content probleem is het spel qua levensduur goed voorzien. Overal de topscore halen kost je wat tijd, alle honderd levels Lab en Nostalgia perfect uitspelen nog meer.  Je kan dit ook allemaal negeren en uren spenderen om dagelijks je score neer te zetten op het zogenaamde ‘Daily Grid’. Je hebt dan 24u om jouw 3 letters tot de top van een online wereldklassement te brengen. Je kan natuurlijk ook jouw score inwrijven bij je vrienden en zien of ze je hierop terugpakken. Het authentieke arcade gevoel met behulp van hedendaagse technologie.

 

85%
85%
Awesome

Met Pix the Cat krijg je waar voor je geld op voorwaarde dat je om kan met het repetitieve aspect van arcade spellen. Wie hier voorbij kan heeft te maken met een topper in zijn genre: Aantrekkelijk graphics, over-the-top geluidseffecten en een toegankelijke maar moeilijk te meesteren spelprincipe. Met zijn talrijke spelmodi brengt het ook de nodige afwisseling, of je nu alleen of met vrienden aan het spelen bent. Kortom, Pix the Cat is een arcade must-have en zal uren van je tijd vreten. Gelukkig zonder dat het je ook maar één muntje kost.

  • Story
    NA
  • Gameplay
    9
  • Design
    9
  • Sound
    9
  • Replayability
    7
Share.

About Author

Jason Blomme

Games games en nog eens games. Ik ben geboren met een controller in de handen en zal zo waarschijnlijk ook heengaan. En podcasts.

Reacties