Een kleine twaalf jaar geleden is het al, dat we King Kong nog eens in de bioscoop zagen. Veel te lang volgens de filmbonzen, en ze bestelden prompt een nieuwe Kong-prent. Geen klassieke remake deze keer, maar een reboot, eentje met een achterliggend plan. Rol de rode loper maar uit voor Kong: Skull Island.

Voor de nieuwkomers frissen we vlug de geschiedenis even op. In 1933 verscheen King Kong voor het eerst op het grote scherm met flink wat tamtam. De visuele effecten braken potten, en het verhaal over het beest die zwicht voor de schoonheid sprak tot ieders verbeelding. Remakes volgden in 1976 en 2005, waarvan de laatste als definitieve versie telt. Tussendoor waren er nog sequels en andere geintjes, maar op één na worden die uit zelfbehoud best genegeerd.

King Kong (1933)

Sorry, Kong, maar Emma Watson zit in een ander kasteel.

Zoals gezegd is dit beestje een reboot. De klassieke invalshoek van het Kong-verhaal wordt aan de kant geschoven en vervangen door een grootser plan. Grote franchises en gedeelde universa zijn hip in bioscoopland, en dat hebben de jongens en meisjes van Legendary Entertainment goed begrepen. Na het spetterende succes van hun Godzilla-vehikel besloten ze om een rits producties in gang te zetten waar grote monsters elkaar vakkundig de kop inslaan. Kong: Skull Island mag dan meteen dubbelen als onze aap z’n debuut en als opstap naar de rest van het Monsterverse.

Het mag gezegd worden, Kong: Skull Island is een frisse prent waar de productiewaarde van af druipt. Perfect is ie niet: het plot is lichtelijk hol, een diverse horde personages vecht om ademruimte, en enkele actiescènes zijn eerder aan de rommelige kant, maar voor de rest is deze blockbuster zijn popcorn waard. Tom Hiddleston en John Goodman lopen er ontspannen bij, en modderfokker-van-dienst Samuel L. Jackson is zijn goeie, ouwe zelf. Maar de echte sterren zijn het ongerepte eiland en de aap waar heel dit circus om draait. Er zijn landschapjes à volonté, en de fauna en flora springen je soms letterlijk in het gezicht.

Kong: Skull Island

In beeld: een hoofdpersonage en twee overbetaalde edelfiguranten.

Over fauna gesproken, als de grote jongens van stal komen, is het vonken geblazen. Dat het menselijke gedeelte van de film niet tiptop is, kan ons geen zier schelen als daar tegenover staat dat we kunnen genieten van een stevig potje koekenbak met grote beesten. Kong: Skull Island is er aanvankelijk wat spaarzaam mee, maar de climax die we op ons bord krijgen, doet hunkeren naar wat er nog volgt, zeker vermits hij Godzilla uit 2014 weet te overtreffen qua dynamiek en visuele pret. De tijd dat kaiju-geintjes beperkt waren tot stuntmannen in rubberen pakken en aanvullende animatronics ligt duidelijk ver achter ons, en wat dit aspect betreft, hebben we hier te maken met een meer dan prima intro voor wat ongetwijfeld komen zal.

Kong: Skull Island

Het nachtleven op Skull Island mondt niet zelden uit in een vechtpartij bij zonsopgang.

Kong: Skull Island is geen tijdloos epos geworden, daarvoor mist het de maniakale overdaad die Peter Jackson destijds in zijn liefdesbrief aan het origineel injecteerde. Maar in de plaats hebben we hier een rauwe portie schaamteloos vertier die zijn ambities en bedoelingen niet onder stoelen of banken steekt. En over dat laatste: blijf zeker zitten tot na de aftiteling, want er volgt een knullige maar veelbelovende teaser. Je zal zeker niet in de aap gelogeerd zijn, of dacht je er vanaf te komen zonder een flauw woordgrapje?

7 Appetijtelijk

Hulde aan de producenten, want ze hebben het goed gedaan. Kong: Skull Island is een weinig pretentieuze, maar uiterst vermakelijke prent geworden die middelmatig is waar het mag, maar vooral schittert waar het moet. We geloven in Kong, en bijgevolg geloven we in de film.

  • Verhaal 7
  • Personages 6.5
  • Soundtrack 7
  • Visueel 9
Share.

About Author

Kenny Soete

Verslinder van cinema, ongoddelijke muziek en thematische spelen. Heeft een uitgesproken liefde voor sci-fi en 80ies neonverlichting. Houdt van de zee en alle vuurtorens daarrond.

Reacties