Geekster History: The Hobbit (1966 film)

0

Wie dacht dat de tekenfilm uit 1977 de eerste verfilming van The Hobbit was, vergist zich schromelijk. Er bestaat warempel nog een oudere bewerking van het boek van J.R.R. Tolkien, hoewel die wellicht geen schoonheidsprijs zal winnen. Andere prijzen vermoedelijk ook niet trouwens, behalve die voor beste verkrachting van het bronmateriaal. Ik heb het uiteraard over The Hobbit, de korte animatiefilm uit 1966, die ter wereld werd gebracht door Gene Deitch.

Filmrechten zijn rare beestjes. Soms krijg je ze zomaar in de schoot geworpen, soms moet je hemel en aarde bewegen om ze te verwerven. En als je ze eenmaal hebt, zijn ze van jou. Om nooit meer los te laten. Your own, your love, your precioussss… Nu gebeurt het wel eens dat je filmrechten kan verliezen als je ze niet gebruikt. Dat zet filmstudio’s er soms toe aan snel een halfslachtige en soms ronduit slechte film te produceren, om toch maar krampachtig te voorkomen dat ze de filmrechten verliezen. Zo’n productie heeft een naam: de “ashcan copy”. Deze term ontstond in de golden age of comic books, toen rommelstrips, meestal in zwart en wit gedrukt, slechts bedoeld waren om aan bepaalde wettelijke of contractuele verplichtingen te voldoen en na het drukken linea recta in de asbak verdwenen. De ashcan dus. En precies zulke zakelijke belangen lagen aan de basis van de eerste verfilming van The Hobbit.

The Fantastic Four worden wel vaker geplaagd met ashcan copies. Eerst in 1994 en nu...

The Fantastic Four worden wel vaker het slachtoffer van ashcan copies. Eerst in 1994 en nu…

Lang, lang geleden, in 1966, benaderde een zekere William Snyder z’n kompaan Deitch. Hij liet hem kennis maken met een vrij onbekend kinderverhaal uit 1927, waar hij recent de filmrechten van had gekocht, voor een appel en een ei. Deitch, die als schrijver/animator enkele afleveringen van de tekenfilmserie Tom & Jerry op z’n naam had staan, had er wel oren naar. Er werd een script geschreven met wat aanpassingen die het geheel wat Hollywood-waardiger moesten maken… Maar Hollywood vond het maar niets. Zoveel geld vragen voor een bewerking van het boek van één of andere onbekende schrijver, wie dachten die idioten wel dat ze waren?

Gene Deitch aan het werk.

Gene Deitch aan het werk.

Niemand had kunnen voorzien dat de verhalen van Tolkien heel snel heel populair zouden worden. Die filmrechten van Snyder waren plots heel wat waard. Waarom al die moeite doen om er effectief een film van te maken, als hij ze gewoon kon verkopen om schandalig rijk te worden? Wel… Klein probleempje. Bij de verkoop van de rechten werd bepaald dat Snyder de filmrechten zou verliezen als hij tegen 30 juni 1966 geen “full-color motion picture version” van het verhaal gemaakt zou hebben. The Tolkien Estate, die allicht een beetje spijt hadden van de transactie, waren in hun nopjes. Ze zouden de verkochte rechten snel genoeg terug in handen krijgen en kunnen verkopen voor veel geld. Want no way dat iemand in minder dan een half jaar een film ter wereld krijgt. Toch?

Bilbo, blijkbaar een fan van tuinieren.

Bilbo, blijkbaar een fan van tuinieren.

Dat was buiten Snyder gerekend. Die gaf een magistraal staaltje rules lawyering ten beste en stelde vast dat er weliswaar een film moest verschijnen, maar dat er nergens bepaald was hoe lang die film moest zijn, noch hoe goed hij geanimeerd moest zijn. Dus besloot Snyder zijn contract tot op de letter na te leven… Door Deitch te contacteren en hem opdracht te geven een twaalf-minuten-durende film te maken, precies wat er op een enkel filmrolletje van 35mm past. En warempel: voor 30 juni bestond er inderdaad een verfilming van The Hobbit. Op 29 juni arriveerde Deitch met z’n werk in Manhattan. Na een korte testscreening rende Deitch de gehuurde bioscoopzaal uit om toevallige passanten aan te klampen. Of ze toevallig zin hadden om als eerste een splinternieuwe film te kijken, voor slechts 10 cent? Geïnteresseerden genoeg, zeker omdat Deitch alle toeschouwers op straat ook eerst 10 cent gaf, die ze dan meteen weer teruggaven om hun kaartje te betalen. Na afloop werd aan de toeschouwers gevraagd een statement te ondertekenen, waarin ze verklaarden dat ze op die dag de full-color motion picture The Hobbit hadden gezien. De rechten waren definitief van Snyder, die ze prompt verkocht voor 100.000 dollar… en de buit blijkbaar niet deelde met Deitch. De rotzak.

Om God weet welke reden heet Smaug in deze adaptatie plots Slag.

Om God weet welke reden heet Smaug in deze adaptatie plots Slag.

Hoe dan ook, de eerste verfilming van The Hobbit was een feit. Maar ehm… Dat hele verhaal? In twaalf minuten? Hoe dat precies loopt, kan je zien door op de link bovenaan dit artikel te klikken. Als je geen twaalf minuten kan, of aannemelijker, wil spenderen aan deze adaptatie die iedere rechtgeaarde Tolkien-fan doet schuimbekken, vat Geekster eventjes de samenvatting voor je samen:

Synopsis
Nadat de stad Dale verwoest wordt door de draak Slag, gaan een wachter, generaal Thorin Oakenshield van het garnizoen van Dale en de prinses op zoek naar de tovenaar Gandalf om hulp te vragen. Hij stuurt de hobbit Bilbo, de uitverkoren drakendoder, met de drie overlevenden van de aanval mee.

Na een confrontatie met trollen, een aanvaring met Gollem en een gevaarlijke doortocht door Mirkwood bereikt de groep the Lonely Mountain.

Daar steelt Bilbo de Arkenstone, die vervolgens gebruikt wordt als pijlpunt die met een grote zelfgemaakte kruisboog wordt afgevuurd op Slag. Na de dood van de draak wordt Dale heropgebouwd en leven Bilbo en de prinses samen nog lang en gelukkig. Wat volgt zijn de kortste credits aller tijden.

Tja… Wat moet een mens daar van zeggen? Over acteerprestaties valt weinig te zeggen. Het feit dat voorgrondtekeningen soms voortschuifelen over achtergrondtekeningen, valt bezwaarlijk animatie te noemen. Dan moet je trouwens weten dat de tekeningen rechtstreeks voor de camera gefilmd zijn. De verteller heeft wel een aangename stem, en klinkt soms zowaar zelfs expressief, dus da’s best ok. En er zijn kleurtjes!

Ok, ok. Enough already. Er valt weinig goeds te zeggen over de manier waarop Snyder en Deitch het werk van Tolkien behandeld hebben, hoewel je hun creativiteit en plantrekkerij wel moet bewonderen. Alleszins moet je dit mormel als Tolkien-fan ooit wel eens gezien hebben. Niet om de film zelf, maar omdat het nu eenmaal deel uitmaakt van de nalatenschap van de schrijver en om de leuke anekdote die eraan verbonden is. Deze je dan overal op feestjes kan gaan vertellen. Reken maar dat men aan je lippen zal hangen!

Share.

About Author

Jeroen Van Heel

Cardboard cowboy, Nintendo nerd en Dr. Deathrite himself. Show your moves!

Reacties