Uncanny X-Men: het einde van het tijdperk van Chris Claremont

0

De voorbije maanden stonden deels in het teken van de vernieuwde X-Men die uit de koker van Jonathan Hickman zijn gekomen. Toch hadden jullie nog een afsluiter te goed van de megabespreking van de run van Chris Claremont.

Het laatste deel van Chris Claremont zijn periode als X-Menschrijver is meteen het startpunt van de jaren negentig. Met de intrede van X-Meneditor Bob Harras is het einde van de Claremont$era gekomen. Harras was al langer ontevreden over de richting van de X-Men-comics en vond dat de titels terug moesten naar de basis.

De basis was de school van Charles Xavier en een team waarin de X-Men-lezers van het eerste uur zich weer in kunnen herkennen. In Jim Lee en Whilce Portacio vond hij gewillige partners. Met name Lee wilde wel de nodige invloed op de verhalen uitoefenen. Als kleine jongen las hij de run van Roy Thomas en Neal Adams en pikte hij het eerste deel van Claremonts run mee. Natuurlijk wilde Lee ook spelen in deze versie van dat universum. Harras wilde hem wel tegemoet komen. Niet alleen omdat ze op een lijn zaten maar ook omdat het tijdperk van de tekenaars was aangebroken.

Either we adapt or we perish

© Marvel Comics

We beginnen met Uncanny X-Men #274. Vanuit het niets dienen Charles Xavier en zijn geliefde Lilandra zich aan en duikt zonder enige uitleg een in gewetensnood verkerende Magneto op. Vergeten is de nederzetting van de X-Men in Australië en de subplotjes die door Claremont werden opgezet rond Dazzler en Gateway. Zelfs de Star Jammers komen weer binnenvallen en ineens lijkt deze comic weer met beide benen in 1983 te staan.

Het is een aardig actieverhaal geworden waarin de X-Men Xavier uit de handen van de Skrulls dienen te redden. Lee leeft zich uit in mooi opgezette scènes en halfnaakte meisjes. Er wordt meteen naar een einde gewerkt van het Savage Land-verhaal dat in de vorige cyclus werd begonnen.

De confrontatie tussen Magneto en Zaladane, dictatoriale heerseres van het Savage Land, geeft een tweede keerpunt aan in deze cyclus. De meester van het magnetisme fungeerde sinds het wegvallen van Xavier als nieuwe mentor binnen de school van Xavier. Deze richting wordt abrupt beëindigd. In een serie platen vertelt Magneto de reden van zijn ommezwaai en tussen de regels door lijkt het alsof Claremont de lezer toespreekt. In gedachten lijkt hij al afscheid te nemen van zijn levenswerk.

© Marvel Comics

Toch gaan er ook dingen goed. Zowel Claremont als Jim Lee zijn het over een ding eens. X-Factor heeft geen bestaansrecht meer. Je zou er een tweede X-Mentitel van kunnen maken? En dus sluiten Claremont en Whilce Portacio gezamenlijk deze serie af.

Claremont beseft op dat moment ook dat zijn tijd erop zit. Hij wordt meer en meer een bijfiguur in de Marveltitel die bijna volledig dankzij zijn inspanningen uitgroeide tot het vlaggenschip van de uitgever. Claremont sluit het verhaal niet af dat hij startte rond Legion en The Shadow King, en draagt het stokje in Uncanny X-Men 279 over aan Fabian Nicieza. Nicieza begon in 1985 als productieassistent en manoeuvreerde zich langzaam richting een carrière als schrijver. Dit in navolging van Peter David, die eerder hetzelfde pad had bewandeld. De gasttekenaar van dit issue is Andy Kubert, wiens naam uiteindelijk ook een groot deel van de jaren negentig de X-Mencomics zou sieren.

Een laatste klapstuk voor Claremont

Lee en Claremont starten hun felbegeerde tweede X-Mentitel. De X-Men werden de ruimte ingestuurd waar ze het opnemen tegen Magneto en zijn corrupte Acolytes.

© Marvel Comics

Het is een verhaal dat de vergelijking met een spectaculaire Hollywoodfilm kan doorstaan. Helaas ook in negatief opzicht omdat het meer explosies dan verhaal heeft. Maar Chris Claremont wilde zijn naam nog één keer verbinden aan een X-Men-serie en maakte meteen een financiële klapper omdat de royalty’s van het eerste issue ronduit spectaculair waren. Dat was deels te wijten aan de uitklapcover van Lee en natuurlijk de vele beleggers die op de comic doken om er ooit, in de verre toekomst, mee te kunnen cashen.

Wat gebeurde er met Claremont en Lee?

Het eerste issue van deze nieuwe X-Men zou uiteindelijk in een paar jaar tijd zo’n 8 miljoen keer over de toonbank gaan. Het leverde meteen een officieel wereldrecord op. Daarmee had Chris Claremont zijn definitieve handtekening gezet onder de X-Men. Op financieel gebied had hij niets te klagen, want de X-Men-royalty’s hadden van hem een rijk man gemaakt. Maar het afscheid van zijn X-Men deed pijn. Toch zal hij met enig leedvermaak hebben gezien dat de gok van Bob Harras verkeerd uitpakte.

Jim Lee zou namelijk in 1992 vertrekken bij Marvel Comics om samen met een paar andere collega’s Image Comics op te zetten. Met zijn X-Menkloon W.I.L.Dcats liep de tekenaar binnen. Eind jaren negentig keerde hij even terug bij Marvel Comics om, samen met Rob Liefeld, het Heroes Reborn-project op zich te nemen. In 1999 verkocht Lee zijn Wildstorm-studio aan DC Comics. Hierdoor werd zijn naam voortaan in een adem genoemd met Marvels grootste concurrent.

Chris Claremont vertrok naar Dark Horse waar hij wat speelde met Aliens en The Predator. Hij probeerde onder de vlag van DC Comics met Sovereign Seven een rivaal van de X-Men op poten te zetten. Bloed kruipt waar het niet gaan kan en in 1998 keerde de schrijver weer terug bij Marvel en zou in 2000 weer zijn tanden in de X-Men zetten. Het was oké, maar het werd nooit meer zoals het was. Al kwam het soms dichtbij.

Het einde van Claremont

© Marvel Comics

Share.

About Author

Dennis Van Beek

Leest boekjes met plaatjes en praat daar dan over op Geekster. Heeft ook een mening over andere dingen.

Reacties