Huilen met de wolven: Johan De Smedt over de Wolfpack

0

Onlangs is Fanny K., de soloreeks van de natte droom van het Vlaamse stripverhaal, verschenen. Na Amoras en J.Rom is het de derde stripklassieker die Standaard Uitgeverij in een modern jasje steekt. De Wolfpack, een collectief van bekende stripmakers, zal fungeren als denktank en hoewel noch Amoras, noch Fanny K. zuiver hun verdienste is, lijkt het erop dat ze een onuitwisbare stempel gaan drukken op het aanbod van de uitgeverij. Geekster sprak met Johan De Smedt, creative and concept director, stripliefhebber en naar de maan huilende Wolfpacker.

Laten we maar met de essentie van de zaak beginnen: wat gaat de Wolfpack precies doen, Johan?
Johan De Smedt: We gaan onderzoeken welke relevante bewegingen we vandaag kunnen maken met de stripmerken van de uitgeverij. De Wolfpack durft te veronderstellen dat als ze een verhaal vertellen dat ze zelf graag zouden willen lezen of horen, anderen dat vast ook zullen willen. De doelstelling is eenvoudig: omdat strips een bedreigde maar unieke boekensoort zijn, wil de Wolfpack meewerken aan een cultuur die de oprichters zal overleven.

Hoe is dat idee ontstaan?
De Smedt: De Wolfpack is een uitloper van de manier waarop Amoras en J.Rom tot stand kwamen. Die zijn gegroeid uit een vrijwel constante dialoog tussen Sven Denis en ikzelf met de schrijvers en de tekenaars. Voor Amoras ging Sven zelfs naar Tenerife om er samen met Marc [Legendre] en Charel [Cambré] over de plot te discussiëren. Bij J.Rom werd die werkwijze herhaald en een derde keer bleek het ook erg lonend toen ik met de schrijver van Red Rider samen zat en we besloten om er Stedho bij te betrekken.

Geloof me vrij: het is echt veel leuker om op deze manier te werken. Het levert ook betere resultaten. Schrijvers en tekenaars moeten wat vaker uit hun kamertje komen en een keer een klapke doen met anderen. Het is plezant en je leert er veel mee.
Je kan de Wolfpack eigenlijk nog het beste vergelijken met een writers room, maar dan een die aan een tv-serie schrijft die ze niet kunnen maken en ze daarom maar zullen tekenen.

Amoras en J.Rom zijn vrij duister. Zijn er parallellen te trekken met de Amerikaanse comics, die in de jaren 90 ook plots door een “gritty” periode gingen?
De Smedt:
 De wolven zijn niet enkel gritty en denken ook niet de facto altijd gritty. Als we vandaag zo denken is dat omdat we allemaal de kinderen van onze tijd zijn, omdat we beïnvloed worden door andere verhalenvertellers, onze omgeving en de talloze media. Vandaag is het op veel plekken in deze wereld erg donker, helaas. Morgen denken we ongetwijfeld lichter. Daar ben ik nu al zeker van.

90s liefeld

In de jaren 90 speelden Deadpool bedenker Rob Liefeld en Image Comics een cruciale rol in de nieuwe stijl.

De Wolfpack gaat ook niet om een trend of een stijl. De focus ligt in de Wolfpack op de mensen. Op hun manier van samenwerken, op hun individuele talenten en hun waarden en normen. Concepten worden ontwikkeld door mensen en daarom zijn mensen belangrijker dan trends of stijlen.

De line-up van de Wolfpack is intussen bekend. Waarom werden net deze mensen gekozen?
De Smedt:
Dat ging vanzelf. We kenden elkaar allemaal door eerdere zeer prettige samenwerkingen. We zochten naar hoe we dat proces van samenwerken in leven konden houden omdat we allemaal voelden dat de mayonaise pakte. Het is de Wolfpack geworden.

Waarom werden ook Marc Legendre en Charel Cambré er niet bij gehaald, die toch succes hadden geboekt met Amoras?
De Smedt: De vraag werd aanvankelijk ook aan andere mensen gesteld. Uiteraard ook aan Marc en Charel. Zij zijn er helaas niet op kunnen ingaan. Niet uit onwil of afkeer. Integendeel. Het was vooral omdat het voor hen beiden logistiek wat moeilijk was. Marc vond zelf dat het noodzakelijk was om die vergaderingen hier te kunnen bijwonen. Dat was wat moeilijk omdat hij op zijn vulkaan in het verre El Hierro woont…

Vanzelfsprekend heb ik het ook aan Charel gevraagd. Als eerste zelfs. Maar die man heeft zo veel werk… Hoe hij dat doet? Ik weet het niet, maar Charel houdt volgens mij op zijn eentje de potlodenindustrie in België recht. De Wolfpack zou voor hem voor nog meer werk gezorgd hebben.

legendre cambré

Marc Legendre en Charel Cambré oogstten veel succes met Amoras. Foto naar Het Laatste Nieuws.

Over de line-up werd initieel mysterieus gedaan. Met mondjesmaat zou worden bekendgemaakt worden wie deel zou uitmaken van het project. Toch werd al vrij snel de hele line-up gespoild. Was dat een bewuste strategie?
De Smedt:
 We hebben daar helemaal niet mysterieus over gedaan. We wilden ook helemaal niet mysterieus doen. We hebben gewoon een tijdlang gezwegen omdat we naar een geschikt moment zochten om het prijs te geven. Op de boekenbeurs hebben we dat dan gedaan.

Waarom kiezen jullie voor deze aanpak?
De Smedt:
Als je een aantal getalenteerde en vakbekwame mensen samen zet en hen uitnodigt om aan een verhaal te werken ontstaat er iets speciaal. Ze kennen en respecteren elkaars kennis en vakmanschap en daarom accepteren ze ook elkaars commentaar.
Kijk, bij de Wolfpack wordt er soms genadeloos gesabeld. We verschuilen ons niet achter een klavier maar kijken elkaar recht in de ogen. Er heerst ook geen enkele afgunst. Het respect voor elkaar overweegt. In de Wolfpack accepteren we allemaal de commentaar van de collega’s omdat we allemaal weten hoe moeilijk het is om een goed verhaal te vertellen.

Hoe vinden jullie de delicate balans tussen respect voor grote namen en tradities enerzijds en vernieuwing anderzijds? Zijn er dingen die absoluut niet kunnen?

De Smedt: Als je iets nieuws aanvat is het belangrijk dat je geen compromissen maakt. Je houdt in alle opzichten vast aan het gekende moeder-merk, maar je geeft een andere interpretatie. Je werkt in de geest van de meester, maar niet naar zijn hand. Je raakt ook nooit aan het DNA. Relevantie en geloofwaardigheid zijn sleutelwoorden en je werkt met passie voor het vak maar nooit zoals het wordt verwacht. Als je dat voor ogen houdt is er vaak een mooi evenwicht tussen wat ooit was en wat er vandaag mee gedaan wordt.

Dat idee verkopen is allicht niet evident. Lukte het vlot om dit idee te pitchen aan de uitgeverij?
De Smedt:
Dat heeft toch wat tijd gekost. Begrijpelijk, gezien we aan de slag wilden met onze jeugdhelden. Ik heb het opzet en het plan destijds samen met Ellen Van Schaik aan de toenmalige directie van WPG voorgesteld. Het was Peter Quaghebeur, voormalig CEO van VTM en vandaag de CEO van VIER, VIJF en ZES die er oren naar had. Voor het vertrouwen ben ik hem nog altijd dankbaar. Hij heeft daarmee ondernemerschap, moed en durf laten zien.

peter quagebeur

Peter Quaghebeur. Foto naar De Standaard.

Wat vooral telt, is dat Standaard Uitgeverij duidelijk onderstreept heeft dat ze creatieve initiatieven en innovatie ondersteunt, risico’s aanvaardt en vertrouwt op vernieuwde inzichten en de verrassende blik die andere mensen vandaag leveren.
Hoe breng je zo’n concept aan bij een auteur? Was Merho vragende partij om Fanny K. te maken, of kwam het idee van jullie en moest hij overtuigd worden?
De Smedt:
Fanny K. is geen initiatief van de Wolfpack. Dat project was al gestart nog voor onze eerste samenkomst. Het oorspronkelijke concept om Fanny haar eigen verhaal te geven, daarbij te mikken op een iets ouder leespubliek en te beginnen bij het moment waarop zij het ouderlijke huis verlaat en in de stad gaat wonen, werd door de uitgeverij bij Merho aangeboden. Merho stond open voor een dergelijke beweging met een personage uit De Kiekeboes.

fanny k

Geestelijke vader Merho, Tony Coppers en Jean-Marc Krings bij de voorstelling van Fanny K.

Wat zijn de lessen die je trekt uit zowel het succesvolle Amoras en het iets minder gesmaakte J.Rom?
(nvdr.: Johan nuanceert even de beoordeling van het succes van beide reeksen. Om de leesbaarheid te bevorderen werd die nuancering opgenomen in een zijsprong die je hier kan lezen

Johan over Amoras en J.Rom
Je mag Amoras met J.Rom niet echt vergelijken. Ze worden ten onrechte allebei als spin-off genoemd. Terwijl het eigenlijk maar voor een van de twee opgaat. Een spin-off is technisch gesproken een volstrekt nieuwe entiteit die ontstaat uit een andere entiteit. Amoras is niet ontstaan uit de bronreeks. Het is gewoon Suske en Wiske maar wel helemaal anders en geschreven en getekend door anderen dan Studio Vandersteen. J.Rom is wel een spin-off, het is trouwens de vernieuwing van een bronreeks die al een spin-off was. Spin-offs doen het doorgaans ook minder goed dan de bronreeks. In elk medium. Maar om te zeggen dat J.Rom minder gesmaakt werd? Dat is wat kort door de bocht. De verkoopcijfers zijn eerder aangenaam voor een ‘nieuwe’ reeks. Dat de impact van Amoras groter was, dat wel. Niemand had ooit durven vermoeden dat we dat zouden gaan doen.

De Smedt: Bronreeksen zijn sterke dragers. Zij zijn zelf ook het sterkste merk. We hebben tegelijk vastgesteld dat als we een verrassende creatieve beweging maken, een echt en geloofwaardig verhaal vertellen in en rond de strip en voor enige verbazing kunnen zorgen, de lezer dan laat horen dat hij het smaakt. Strips leven, heel sterk. Dat is alvast iets om blij van te worden, niet?

Op basis van welke criteria kies je een serie die je “verWolfpackt”?
De Smedt: Er zijn geen vooraf bepaalde criteria. Er zijn series die al lang stil liggen. Die bekijken we wel het liefste. We moeten overigens ook nog veel leren. Maar de combinatie van onze onwetendheid en de drang om te slagen is in elk geval bijzonder motiverend. Het is overigens niet niks wat er al uitgekomen is. Robert en Bertrand is in een andere context vertaald en daar zijn we mee bezig. Voor “17-Rage is a number” verwacht ik ook dat we er ooit iets mee mogen doen. Verder zijn er nog twee projecten die al heel positief werden onthaald. Niet slecht voor een jaar van 4 vergaderingen.

Wat is je eigen lievelingsstrip?
De Smedt: Ik heb een heel grote affectie voor alle avonturen van Piet Pienter en Bert Bibber. Die affectie is er vandaag nog altijd.

Welke strip zou je zeker graag eens “de Wolfpack treatment” geven als je kon?
De Smedt: Jommeke! Dat meen ik oprecht. Ik heb het ook al eens in een bui van enthousiasme aan Alexis Dragonetti (CEO van stripuitgeverij Ballon Media, nvdr.) gezegd: “die Koningin van Onderland, man… Die vraagt er gewoon om op opnieuw verteld te worden. Donkerder, gevaarlijker, echter… Voor het plezier van de lezers van weleer”.
Als dat er ooit zou van komen dan sta ik op de eerste rij met een bos bloemen en krijgt de mens een dikke kus van mij.

koningin van onderland

Het is echter maar zeer de vraag of een hedendaagse hervertelling van een verhaal over kinderlokkerij in België een goed idee is.

Kan je onze nieuwsgierige lezers een klein kadootje geven en nog een titel droppen buiten Robert en Bertrand, Fanny K. en Red Rider?
De Smedt:
Helaas, dat kan ik dat niet doen. Het spijt me. (lacht)

Fair enough. Maar denkt onze redactie in de goede richting in haar artikel over de Wolfpack?
De Smedt: De aandacht werd getrokken door het teken van Bahaal in de tekening van Red Rider en dat hebt u goed gezien. Robert en Bertrand zijn under construction. Over Bessy hebben we al meer dan een keer gepraat en De Familie Snoek inspireert.

de-familie-snoek

Mogen we ons binnenkort verwachten aan een moderne versie van de familie Snoek?

Tot slot nog dit: denk je dat de Vlaamse striplezer klaar is voor deze aanpak?
De Smedt:
Ik mag het hopen. We gaan voor het volle leesplezier, maar we ondervinden nu al dat er weerstand is. De tempelbewakers, de cynici… Ze steken de kop al op en leveren al commentaar. Dat mag. Ik heb daar begrip voor. Ik heb er ook mee leren leven. Mijn hele carrière al ondervind ik dat de menselijke weerstand tegen verandering erg groot kan zijn. Ikzelf omhels graag elke vorm van verandering. Ik werk er ook graag aan mee, maar ik realiseer me wel dat verandering voor veel mensen een ongemak veroorzaakt. Dat is de reden waarom ze zich verzetten. Wel, die weerstand heb je nodig. Gek genoeg. Zelf ben ik er achter gekomen dat die oude tempelbewakers die zich verzetten, dat niet altijd doen omdat ze zo hevig anti zijn, maar vaak omdat ze heel erg sterke argumenten nodig hebben om die verandering te accepteren. Die moeten wij dan formuleren. Dus eigenlijk helpen ze ons om het allemaal in balans te houden.

We wensen je alvast veel succes met die taak! 

Share.

About Author

Jeroen Van Heel

Cardboard cowboy, Nintendo nerd en Dr. Deathrite himself. Show your moves!

Reacties